Als er geen copyright geldt op gesloten formaten mag elke software alle formaten uitlezen. Dat is in het uiterste geval de consequentie van een advies dat de advocaat generaal heeft gegeven aan het Europese Hof van Justitie.

Interoperabel

Dit zwaarwegende advies is de huidige tussenstand in een rechtszaak tussen SAS Interactive en een Brits softwarebedrijf, World Programming. De laatste heeft software ontwikkeld waarmee bestanden die in het formaat dat SAS hanteert zijn opgeslagen, kan uitlezen. Daarvoor heeft World Programming tevens de programmeercode van SAS gebruikt, mogelijk via reverse engineering. Van dat laatste is de advocaat generaal niet zeker.

Het Europese Hof van Justitie is door een Britse rechter om advies gevraagd. Daarbij staat vooral de vraag centraal of de handelswijze van World Programming in strijd is met de Europese Softwarerichtlijn. In die richtlijn wordt onder meer gezegd dat het gebruiken van andermans broncode en bestandformaten niet mag indien dat dient om een concurrerend softwareproduct in de markt te zetten.

Onmisbaar en noodzakelijk

Het zogeheten decompileren van programmacode voor opslaan en lezen is volgens de Softwarerichtlijn alleen toegestaan als dat onmisbaar en noodzakelijk is om interoperabiliteit tot stand te brengen. Dit staat in de Softwarerichtlijn vermeld als uitzondering op het copyright.

“Maar er staat tevens in dat dat niet mag voor de ontwikkeling, productie of het in de handel brengen van een qua uitdrukkingswijze in grote lijnen gelijk programma", zegt Mark Jansen, advocaat bij advocatenkantoor Dirkzwager. “Maar opmerkelijk genoeg gaat de advocaat generaal daar in zijn advies aan het Hof volledig aan voorbij".

Hij wijst erop dat juist het opslaan van data in bepaalde bestandsformaten die alleen kunnen worden uitgelezen door software van één bepaalde leverancier, bedrijven vaak tegenhoudt om te wisselen van leverancier. De ontwikkeling van open bestandformaten is daar onder meer een antwoord op. “Maar als het Hof het advies van de advocaat generaal overneemt, kan die ontwikkeling mogelijk worden gefrustreerd", zegt Jansen.

'Wollig, zonder argumenten'

Jansen vindt het advies van de advocaat generaal op sommige punten wat wollig geformuleerd en niet altijd even sterk onderbouwd met argumenten. “Zo worden op bepaalde vragen van de Britse rechter helemaal geen antwoorden gegeven. Ik ben benieuwd hoe het Hof hiermee omgaat."

"Zo wordt de vraag of een bestandsformaat op zichzelf, in abstracto (dus de indeling van de gegevens), een auteursrechtelijk beschermd werk kan zijn in het geheel niet gesteld noch beantwoord. Die vraag zou volgens mij wel gesteld en beantwoord moeten worden, al was het maar omdat die vraag in feite in de vraag van de Engelse rechter ligt besloten."