De afgelopen tijd is de discussie rond open source weer opgelaaid, mede naar aanleiding van kritiek op de het actieplan Heemskerk door de Nederlandse softwarebedrijven Exact, Afas en Unit4Agresso. Regelmatig krijg ik de vraag voorgelegd wat mijn mening is over dit onderwerp en mijn antwoord op die vraag luidt dan: “Open Source is effectief voor de it-professional, gevaarlijk voor de eindgebruiker en ideaal voor de dienstverlener.”

Effectief voor de it-professional

Open source-software is een zeer interessant fenomeen dat met name door de opkomst van het internet een enorme vlucht heeft genomen. De beste ontwikkelaars werken samen in wereldwijde communities en het is duidelijk dat daarmee concrete innovatie bereikt wordt. De innovatieve kracht en snelheid van open source is een geweldig instrument voor it-professionals. Open source maakt hen effectiever. Softwareleveranciers en it-afdelingen van grote organisaties maken hier terecht gebruik van, ook Cordys. Maar dan is er duidelijk een afdeling of een leverancier die de verantwoordelijkheid neemt voor alle open source-componenten die gebruikt worden. Is dat niet het geval, dan kom je als eindgebruiker in een gevaarlijke situatie.

Gevaarlijk voor de eindgebruiker

Het is een vergissing en misschien wel misleidend om te zeggen dat met het gebruik van open source software de kosten omlaag gaan. Onderzoeksbureau Gartner heeft in een recent rapport aangetoond dat de it-budgetten van grotere organisaties voor het grootste deel opgaan aan beheer, onderhoud, operationele kosten en personeelskosten. De licenties vormen binnen het totale budget slechts een kleine post. Hetzelfde kan gezegd worden voor grote it-projecten; de implementatiekosten zijn vele malen hoger dan de licentiekosten.

Organisaties kiezen vaak voor open source met het argument dat de licentie gratis is en dat ze alle requirements dan gerealiseerd kunnen zien. Helaas beseffen ze niet dat hiermee de kans ook groter wordt dat het project langer duurt en veel meer gaat kosten dan begroot. Uit eigen ervaring durf ik te stellen dat open source-software die rechtstreeks door de eindgebruiker wordt geïmplementeerd uiteindelijk duurder is, moeilijker is uit te rollen en te beheren (deployable) en vaak ook veel minder veilig is.

Vergelijk het met de pc van een tijdje terug. Mensen die er verstand van hadden, stelden hun eigen pc samen op basis van goedkope onderdelen. De gemiddelde gebruiker waagde zich daar niet aan. En tegenwoordig is de pc commodity geworden zodat vrijwel niemand meer zelf zijn computer bouwt. En wie denkt er aan om zijn eigen mobiele telefoon samen te stellen uit los verkrijgbare onderdelen? Of zijn auto? Het zou leiden tot gevaarlijke situaties en dat is bij software niet minder het geval.

Ideaal voor de dienstverleners

De it-dienstverleners zijn fervente voorstanders van open source. Maar dat heeft niets te maken met innovatie of kostenverlaging voor de eindgebruiker; het is puur eigenbelang. De dienstverleners gebruiken open source om zoveel mogelijk uren te kunnen schrijven. Voor Cordys, maar ook voor veel andere softwareleveranciers, heeft het juist de hoogste prioriteit dat software snel en gemakkelijk geïmplementeerd en beheerd kan worden. Dáár zijn de echte besparingen en de snelheid te halen voor de klanten die in deze tijd zo nodig zijn.

Eén van de aspecten die daarbij een rol speelt, is het toepassen van open standaarden. Daar zou de aandacht veel meer naar toe moeten gaan in plaats van open source. Mijn oproep aan de overheid en alle andere eindgebruikers is dan ook; gebruik open source als daar goede redenen voor zijn, zorg ervoor dat uw eigen it-professionals daarvoor de verantwoordelijkheid kunnen en mogen nemen, maar zorg er tegelijk voor dat open source niet in handen valt van de dienstverleners.

De rol van de softwareindustrie

De opkomst van open source is zeker goed voor de innovatie, al was het maar om de closed source-leveranciers scherp te houden. Maar het omgekeerde is nog veel meer waar. Als softwarebedrijven niet meer in staat zijn om hun vaak enorme investeringen terug te verdienen via licenties dan zal de innovatie veel langzamer gaan. Open source-software is namelijk ook vaak ontstaan als reactie op een bestaand closed source-product. Softwareleveranciers zijn productleveranciers, net zoals autofabrikanten, vliegtuigbouwers en producenten van consumentenelectronica. Innovatie is hun passie, ze doen niets liever, maar mogen zij ook wat verdienen aan hun producten?

Open source in de cloud

Profiteren van de voordelen van open source maar niet de nadelen ervan ondervinden? Dat kan wanneer softwareleveranciers open source gebruiken voor het ontwikkelen van hun product en als commodity distribueren. In combinatie met het strikt toepassen van open standaarden krijgen de it-professionals aan de klantzijde dan de beschikking over open technologie, en de business professionals weten dat aan al hun behoeften wordt voldaan.

Professionele ondersteuning op de software is gewoon beschikbaar. Maar we gaan nog een stap verder. Softwareleveranciers kunnen open source-componenten samenvoegen met eigen technologie tot een zeer innovatief product en vervolgens beschikbaar stellen in de cloud voor massadistributie. Daarmee gaan niet alleen de kosten voor software omlaag voor de klant, maar ook de kosten voor hardware en beheer. Dat is precies wat Cordys gedaan heeft.

En denk niet dat zoiets eenvoudig is. Hieraan ligt een investering van honderden miljoenen euro's ten grondslag. Het is de visie van Cordys dat de overheid en alle andere eindgebruikers hiermee goedkoper en effectiever kunnen werken. Het gaat hier om een oplossing die door een Nederlands bedrijf is ontwikkeld, en Cordys is daar maar een voorbeeld van. Er zijn dagelijks duizenden Nederlanders bezig om kwalitatief hoogstaande en betrouwbare software te ontwikkelen. Dat betekent een enorme poel van werkgelegenheid. Iets dat de Nederlandse overheid juist zou moeten stimuleren zodat Nederland als it-land tot de wereldtop gaat behoren!

In een vrije markt beslist uiteindelijk de klant en die is zich echt wel bewust van de voor- en nadelen van open source. Daar zijn geen dwingende maatregelen vanuit de overheid voor nodig.

Jan Baan is oprichter en ceo van Cordys (en daarvoor van erp-leverancier Baan). De Nederlandse softwareproducent Cordys heeft zich in het verleden ook al kritisch betoond over het overheidsstreven naar openheid, inclusief het actieplan Heemskerk. De te dwingende richtlijn zou juist weer beperkend zijn voor de overheid.