Het Amerikaanse bedrijf SCO weet dit jaar zo'n beetje alle Linux-distributeurs tegen zich in het harnas te jagen. Het bedrijf, dat voorheen Caldera heette, claimt in maart dat IBM regels uit de broncode van Unix heeft verwerkt in Linux-distributies. En daarmee heeft IBM het intellectuele eigendomsrecht geschonden, meent SCO. Omdat de broncode de kern vormt van Linux-distributies worden bijna alle Linux-makers door SCO beschuldigd. SCO bezit sinds 1995 de rechten op Unix dat in de jaren zestig door AT&T werd uitgevonden. In 1992 verkocht AT&T de rechten door aan Novell die ze doorsluisde naar SCO. SCO eist geld van IBM en probeert Linux-distributeurs te intimideren met dreigbrieven. Door een licentie bij SCO te kopen, kunnen bedrijven een mogelijke rechtszaak in de toekomst 'afkopen'. SCO vraagt als introductieprijs 699 dollar voor een Linux-server. Dit blijkt ruim tien miljoen dollar op te leveren voor SCO's nieuwe licentiedivisie die zich bezighoudt met de Unix-eigendomsrechten. Aangezien het ruim een half jaar onduidelijk blijft welk deel van de broncode dan gestolen zou zijn, wordt SCO zelf ook aangeklaagd voor het uiten van valse beschuldigingen. Eerst door het Duitse LinuxTag en vervolgens door Red Hat. LinuxTag wint de rechtszaak, maar dat haalt weinig uit. SCO mag hierdoor alleen in Duitsland niet meer beweren dat Linux-distributies het eigendomsrecht van SCO schenden zonder dit te onderbouwen met harde bewijzen. In augustus komt SCO dan eindelijk met harde bewijzen. Van in totaal een miljoen regels Linux-code die onterecht overgenomen zouden zijn, laat SCO er vijftien zien om het publiek van zijn gelijk te overtuigen. LinuxTag en Red Hat zijn niet de enige Linux-producenten die in het geweer komen. Ook IBM en Novell slaan terug. IBM slaat SCO in augustus met een claim om de oren. IBM claimt dat SCO geen enkele reden heeft om bedrijven aan te klagen vanwege het schenden van eigendomsrechten van Unix, omdat SCO zélf sinds 1994 Linux distribueerde onder de GNU General Public License (gpl), zo redeneert IBM. Novell herinnert SCO eraan dat de eigendomsrechten alleen zouden overgaan als SCO aan bepaalde eisen zou voldoen. En dat is niet gebeurd, aldus Novell, dus heeft SCO geen recht van spreken. De ruzie tussen de partijen is voorlopig nog niet beslecht. Onduidelijk is bijvoorbeeld nog hoeveel waarde er moet worden gehecht aan de copyrightclaims van Novell en SCO.

Lindows

Maar er is meer juridisch getouwtrek in 2003. Microsoft probeert al sinds 2001 te voorkomen dat de naam Lindows gebruikt wordt. Lindows is de naam van het besturingssysteem van Michael Robertson dat gebaseerd is op Linux. De naam lijkt volgens Microsoft te veel op Windows. Het veroorzaakt verwarring en maakt daarmee inbreuk op het merkenrecht. In januari besluit een Amerikaanse rechter om de zaak uit te stellen tot april. Ook dan wordt de zaak naar voren geschoven zodat de partijen alles beter kunnen voorbereiden. In december stelt de rechter de zaak andermaal uit tot maart 2004. Maar Lindows-directeur Robertson is creatief in het verkrijgen van bekendheid en publiciteit. Aangezien Microsoft voor 1,1 miljard dollar moet uitbetalen aan Microsoft-gebruikers als compensatie voor het misbruik van de monopoliepositie, start Lindows de 'Msfreepc'-actie. Iedere Amerikaan die tussen februari 1995 en december 2001 een product van Microsoft heeft gekocht, kan hiervoor een tegoedbon krijgen tussen de 5 en 29 dollar. Via de website kunnen consumenten de tegoedbonnen omwisselen voor producten van Lindows of Sun Microsystems. De eerste honderd deelnemers krijgen zelfs een pc (met Lindows) helemaal gratis. De hele actie is een doorn in het oog van Microsoft-directeur Steve Ballmer. Hij probeert eerst via een vriendelijk verzoek de actie te stoppen. Als dat niet blijkt te werken, daagt hij Lindows voor de rechter. Evenals de Lindows-Windows rechtszaak, dient ook deze Msfreepc-zaak volgend jaar. Hoewel deze discussie een puur Amerikaanse aangelegenheid is, breidt de discussie over de naam Lindows zich steeds verder uit. Begin december komt Michael Robertson naar Nederland om lokale Lindows-resellers een hart onder de riem te steken. Microsoft probeert hier in Nederland via de rechter het gebruik van de naam Lindows te verbieden. Eind november maakt Microsoft bekend een Drentse pc-leverancier te hebben aangeschreven over de naam Lindows. In een verklaring zegt de softwarefabrikant te willen voorkomen dat de naam Lindows in Nederland wordt gebruikt. In Finland en Zweden is het bedrijf hierin succesvol gebleken en spreken rechters een voorlopig verbod uit op het gebruik van de naam Lindows. In Nederland wordt het nog spannend omdat de rechter hier in januari 2004 een uitspraak over doet.

Open venster

De groeiende aandacht voor Lindows is geen toeval. De belangstelling voor open-source groeit in het algemeen in 2003. Zo pleitte GroenLinks al in 2002 voor het gebruik van open-sourcesoftware bij de overheid. Dit jaar gooit GroenLinks-kamerlid Kees Vendrik nog eens olie op het vuur. Hij roept op om het gebruik van open-source en open standaarden bij de overheid te stimuleren. "De overheid loopt nu achter de grote giganten op de softwaremarkt aan in plaats van zijn marktmacht te gebruiken om goede ontwikkelingen te steunen. Aan die houding dankt Microsoft zijn monopolie", verklaart Vendriks in november. Wat Luuk van Dijk van de Vereniging Open Source Nederland betreft gaan de plannen van de overheid nog lang niet ver genoeg. "Waarom niet overstappen naar bijvoorbeeld OpenOffice?", vraagt hij zich hardop af. Volgens Van Dijk is de Nederlandse overheid te weinig ambitieus als het gaat om open-source. Ook de door de Tweede Kamer aangenomen motie van Vendrik, waarin staat dat in 2006 alle software in de publieke sector aan open standaarden moet voldoen, noemt hij 'een gemiste kans'. Niet alleen de overheid overweegt over te stappen op Microsoft-alternatieven. Ook supermarktketen Albert Heijn kondigt aan te gaan experimenteren met open-source. Enkele honderden filialen moeten aan het einde van dit jaar op Linux zijn overgegaan. Tot slot gaan de gemeenten Amsterdam en Leeuwarden ook experimenteren met Linux. De belangrijkste reden om over te gaan op open-source lijkt de kostenbesparing te zijn. Of het gebruik van Unix of Linux werkelijk kosten bespaart, daarover verschillen onderzoekers nogal van mening. Uit een door Microsoft gesponsord onderzoek van IDC blijkt dat de onderhoudskosten van Windows 2000 Server, gemeten over een periode van vijf jaar, lager zijn dan de kosten van een Linux-server. Dit onderzoek doet veel stof opwaaien. Marktonderzoeker Forrrester beweert vervolgens weer dat het ontwikkelen en onderhouden van internetapplicaties met Windows makkelijker en goedkoper is. Goedkoper of niet, Microsoft vreest de concurrentie van de open-source gemeenschap wel. Het zet de prijzen van de software en daarmee ook de omzetten en winstmarges van het bedrijf onder druk.