De OPTA mag de tarieven van de drie grootste kabelmaatschappijen voor een jaar bevriezen. Dat is korter dan de telecomautoriteit aanvankelijk had voorgesteld, zo heeft de Europese Commissie bekendgemaakt.

Eigenlijk wilde de OPTA de tarieven gedurende drie jaar reguleren. Hiermee ging Europees commissaris Viviane Reding niet akkoord. De Commissie vindt dat 'de bewegingen in de markt op het gebied van Nederlandse retail omroeptransmissie geen rechtvaardiging opleveren voor regulerend ingrijpen voor drie jaar'. Met het nieuwe versoepelde voorstel van één jaar kan Brussel wel leven.

Afgesproken is nu dat de OPTA dit jaar niet zal ingrijpen in de eindgebruikerstarieven onder de voorwaarde dat verhogingen van de tarieven de consumentenprijsindex (cpi) niet zullen overschrijden, aldus de Europese Commissie. Dit betekent dat de OPTA prijsverhogingen van UPC, Essent en Casema, die hoger zijn dan de gemiddelde prijsstijging, gedurende één jaar mag tegenhouden.

De drie kabelexploitanten bedienen ongeveer 85 procent van de Nederlandse huishoudens. UPC bedient 37 procent van de markt, Essent 27 procent en Casema heeft een marktaandeel van 21 procent. Volgens de OPTA beschikken alle drie de kabelexploitanten over aanmerkelijke marktmacht op hun netwerken. De markt moet daarom aan regelgeving onderworpen worden, vindt de Nederlandse telecomautoriteit.