De afgelopen jaren hebben alle grote ict-dienstverleners voet op Chinese bodem gezet, van IBM, HP en Accenture tot (jawel) Wipro, TCS en Infosys. Onderzoeker Frances Karamouzis van Gartner noemt China dan ook “het meest genoemde alternatief voor India.” Jens Butler van Ovum denkt dat het een van deze twee landen is die de race gaat winnen.

Maar het is nog onduidelijk hoe veel China op het gebied van ict-dienstenexport nog moet inhalen om op gelijke hoogte te kunnen komen met India. Of misschien is China India al reeds gepasseerd?

China tegen India: volstrekt verschillend

Afgezien van de enormiteit van de landen, hebben China en India weinig gemeen op het vlak van ict-outsourcing. De nu al 30-jaar oude outsourcing-geschiedenis van India begon met de succesvolle export van ict-diensten naar het Westen. Pas jaren later zette India Inc. ict-dienstverlening voor de thuismarkt op poten. Maar in China ontwikkelen deze twee takken zich tegelijk. Sterker nog, de markt voor diensten binnen de eigen grenzen en in de regio groeit sneller dan de export van diensten, zo zegt Karamouzis.

De Indiase overheid begon zich pas vrij laat te roeren in de ict-dienstverlening, en de markt is dan ook geheel opgezet door de private, commerciële sector. “Maar in China gebeurt het tegenovergestelde”, legt Karamouzis uit. In 2006 onthulde de Chinese overheid een vijfjarenplan om duizend grote en middelgrote dienstverleners en honderd multinationals op te zetten, en tien steden aan te wijzen als centra voor het outsourcen van technologie. En hoewel de resultaten niet naar buiten zijn gebracht, is al wel de doelstelling voor het aantal centra bijgesteld naar twintig en hebben outsourcers nieuwe belastingvoordelen gekregen die lopen tot en met 2013.

“China heeft heel veel energie gestoken in dat wat ze daar het handigst in zijn: dingen bouwen”, zegt Geofrey Master, een partner bij Mayet Brown JSM in Hong Kong. Het land heeft in recordtijd een volledige infrastructuur opgezet die de groei van de ict-outsourcingmarkt aan kan, van software-parken tot trainingcenters en een technisch fundament. “En dat deden ze veel sneller dan India”, zegt Karamouzis.

Nadelen van China

Tegelijkertijd staat China voor problemen waar India nooit mee te maken heeft gehad en die niet op te lossen zijn door er een zak geld tegenaan te gooien. Denk daarbij aan grote beveiligingsproblemen, problemen met intellectueel eigendom, onervaren management, culturele conflicten met grote Westerse klanten en vooral: gebrek aan vertrouwen van die klanten. “De grootste horde die China moet nemen is de beeldvorming, en dat is heel erg lastig”, zegt Karamouzis. “Scheve beeldvorming krijg je niet 1-2-3 recht met een Powerpointpresentatie.” Daar komt bij dat het China nog ontbreekt aan gedegen proces- en kwaliteitscontrole die nodig is voor grootschalige ict-dienstverlening, zo zegt CEO Atul Vashistha van outsourcing-consultancy Neo Advisory.

'Zacht' India loopt nog voor

Waar de fysieke infrastructuur lang achter bleef, had India vanaf het begin al een sterke 'zachte infrastructuur', zoals Master het noemt: de Engelse taal, een culturele en zakelijke affiniteit met Westerse klanten, wetgeving enzovoorts. In China speelt precies het tegenovergestelde. De technologieparken van wereldklasse, moderne luchthavens, nieuwe wegen en zelfs magneettreinen, China heeft dat allemaal. Maar slechts tien miljoen Chinezen spreken Engels, tegenover 232 miljoen Indiërs. “In China gebeurt iets pas als de overheid zegt dat het moet gebeuren”, zegt Master, wijzend op de Chinese industriële sector die is gegroeid tot wereldleider. Dat zijn “adembenemende dingen”, zegt Master, maar het zal nog veel tijd kosten voordat China India kan inhalen als outsourcer.