"Mijn voorspelling is dat de ipv4-adressen pas na 2010 opraken", stelt Iljitsch van Beijnum van de Nederlandse Ipv6 Taskforce. "In het afgelopen jaar werden weliswaar een recordaantal ipv4-adessen geregisteerd, maar ik denk niet dat deze exponentiële groei doorzet. Op een gegeven moment heeft iedereen in Europa en de Verenigde Staten drie adsl-aansluitingen in huis en dan is, ondanks het groeiend aandeel van de rest van de wereld, de rek eruit."

Ipv6 is de langverwachte opvolger van het – inmiddels vijfentwintig jaar oude – internetprotocol, ipv4. Door de enorme toename van apparaten met internetconnectie, raken de ipv4-adressen langzaam maar zeker op. Ipv6 gebruikt een 128-bit (in plaats van 32-bit) schema, waardoor een haast onbeperkt aantal adressen kan worden gebruikt.

Geen paniek

Volgens Van Beijnum hoeven netwerkbeheerders zich niet te haasten. Niet alleen omdat de uitgifte van ipv4-adressen de komende jaren minder hard zal gaan dan door sommige analisten wordt verwacht, maar ook omdat er binnen de Internet Engineering Task Force (IETF) nog over een aantal zaken moet worden nagedacht.

"Het protocol is al gebouwd en het grootste deel van de IETF is overtuigd. Maar er heerst nog steeds onenigheid over het regelen van de network adress translation (nat)."

Deze vertaling is essentieel, omdat het oude en nieuwe protocol voor een lange tijd naast elkaar zullen bestaan, verwacht Van Beijnum. "Het is niet zo dat we allemaal naar ipv6 overstappen en dan ipv4 uitzetten. Bedrijven zullen er in het begin voor moeten zorgen dat ze via een gateway naar een ipv4-adres kunnen komen. Pas als het ipv6-tijdperk is begonnen, zullen de gateways bij de ipv4-groep komen te staan."

Voordelen

Voor bedrijven zijn de kosten van een overstap niet zo groot, denkt Van Beijnum. "Je wilt je connectiviteit behouden, dus je zult een tunnel op moeten zetten die ipv6-adressen uit ipv4-adressen genereert. Daarnaast zul je ervoor moeten zorgen dat je routers en software in huis hebt die met het nieuwe protocol om kunnen gaan."

Windows XP en Windows Server 2003 bevatten reeds een ipv6-optie, alleen moet die wel worden aangezet. Bij Linux en Mac OS X 10.2 (en hoger) staat de optie standaard aan.

Naast een oneindig aantal ip-adressen, heeft ipv6 ook een aantal andere voordelen, zoals ingebouwde encryptie en authenticatie, de mogelijkheid om normaal verkeer van voorrangs- en 'narrangsverkeer' te scheiden en 'stateless autoconfig', hetgeen dhcp-servers overbodig maakt. Bron: Techworld