De 24-jarige Amani Mona liet dat aan verslaggevers weten die aanwezig waren bij Israëls militaire rechtbank op de westelijke Jordaanoever. De Palestijnse vrouw wordt daar vastgehouden in afwachting van de rechtszaak, zo schrijft Reuters.

Israëlische veiligheidsagenten arresteerden Mona in januari, twee dagen nadat het lichaam van de 16-jarige Ofir Rahum op straat werd gevonden. Het lichaam van de jonge Israëliër was doorzeefd met kogels.

Volgens de officiële aanklacht zou Mona de dagen voorafgaand aan het misdrijf met Rahum hebben gecorrespondeerd in een chatroom. Zij haalde hem over elkaar <i>in real life</i> te ontmoeten op het busstation van Jeruzalem en had op dat moment al de bedoeling de jongen te ontvoeren.

Dat gebeurde ook; Rahum werd door de vrouw per auto naar een meertje vlakbij de stad Ramallah gereden, in de westelijke Jordaanoever. Hier werd hij opgewacht door twee metgezellen van Mona, bewapend met Kalashnikovs. Vlak daarna werd hij neergeschoten. De twee mannen zouden lid zijn van de Fatah-beweging van Yasser Arafat.

De advocaat van Mona ontkent dat zijn cliënte de bedoeling had om Rahum te vermoorden. Zij zou hem alleen hebben willen ontvoeren om de aandacht te vestigen op de moorden die door de Israëli zijn gepleegd.