Eind vorig jaar ontstond er ophef over de 1,8 miljoen Nederlandse gegevens waar Der Spiegel en Le Monde over repten naar aanleiding van onthullingen van NSA-klokkenluider Edward Snowden. Daarbij ontstond de indruk dat de NSA (al dan niet samen met zijn Nederlandse evenknie NSO) 1,8 miljoen Nederlandse telefoongesprekken heeft afgeluisterd.

Vermeende tapgegevens

De minister stelt nu (PDF) dat hij dit beeld wilde ontkrachten. Er werd steeds gesproken over telefoongesprekken en daarbij benadrukte Plasterk steeds dat deze telefoontjes niet door Nederland zijn verzameld. Vorige week liet hij aan de Kamer weten dat het niet gaat om data die de NSA hebben vergaard, waardoor er opnieuw vragen zijn gesteld over de vermeende telefoontaps.

Plasterk beroept zich nu op dit verschil: de data die aan de NSA zijn verstrekt zijn metadata die 'binnen de wettelijke kaders' zijn verzameld door de NSO. Volgens de minister gaat het om gegevens als wie met wie communiceerde en hoelang, en daarbij zijn geen Nederlandse telefoonnummers meegenomen.

Belang van de Staat

"Het gaat hier om metadata van telefoongesprekken, hieronder begrepen een klein deel sms-verkeer en faxen, die zijn verzameld in het kader van terrorismebestrijding en militaire operaties in het buitenland. Voor zover daarbij Nederlandse telefoonnummers in beeld kwamen, zijn deze hieruit gefilterd alvorens de informatie te delen met partnerdiensten."

Toen eenmaal bekend was om welke gegevens het precies ging, na het nu beruchte interview van Plasterk bij Nieuwsuur, hebben Plasterk en minister Hennis-Plasschaert (Defensie) een afweging gemaakt tussen de plicht om de Kamer te informeren en het belang van de Staat. De werkwijze van de NSO zou namelijk in het geding komen als dit openbaar werd besproken.