De versie van 499 euro bestaat uit een console met een harde schijf van 20 GB. De uitvoering met een 60 GB harde schijf krijgt een adviesprijs van 599 euro. Deze prijs is het dubbele van de adviesprijzen van de eerste Playstation in 1996 en de Playstation 2 uit 2000.

De goedkopere versie heeft een usb-poort, een gigabit ethernet-poort en Bluetooth-connectiviteit. De duurdere variant heeft daarnaast ook wifi-functionaliteit, een Memory Stick-lezer en een digital high-definition video-poort.

Het gebrek aan een hdmi-poort (high-definition multimedia interface) op de goedkope versie zal veel consumenten van een aanschaf weerhouden, zo denken analisten. Door het gebrek aan een dergelijke poort kunnen gebruikers niet het maximale uit Blu-Ray halen.

Reden voor de hoge adviesprijs is mede de Cell-processor die door Sony, Toshiba en IBM voor miljarden dollars is ontwikkeld. Daarnaast is het verwerken van Blu-Ray-technologie in de console ook een kostbare zaak.

Het eerste exemplaar van de nieuwe spelcomputer is vanaf 11 november verkrijgbaar in Japan. Europa en de Verenigde Staten volgen 17 november. Ten tijde van de lancering wil Sony 2 miljoen exemplaren in de winkels hebben liggen. Daar komen eind 2006 nog eens 2 miljoen stuks bij. Vervolgens komt er eind maart 2007 een derde lading van 2 miljoen spelcomputers op de markt.

Qua mogelijkheden laat Sony weinig verrassends zien. Er komt wederom een Eyetoy: een webcam voor de spelconsole. De controller heeft een functie die erg lijkt op die van de controller van Nintendo's toekomstige spelcomputer, de Wii. Deze reageert op beweging.