Ondanks de prijsverhoging, gelooft de groep nog steeds dat er genoeg orders binnen zullen komen om in september met de grootschalige productie te beginnen.

"Op dit moment zijn er orders binnengekomen voor 2,5 miljoen laptops. Dit aantal moet echter stijgen naar drie miljoen voor 30 mei", zegt Nicholas Negroponte, initiatiefnemer van het OLPC-project.

"We zijn nu in de meest kritieke fase", legt hij uit. "Anderhalf jaar geleden waren we een droom aan het verkopen. Dat is relatief eenvoudig, maar nu moet het ook daadwerkelijk gaan gebeuren. We hebben drie miljoen orders nodig zodat de leveranciers goed op gang kunnen komen."

Volgens Negroponte bedragen de fabricagekosten van de laptop 175 dollar. Negroponte geeft aan dat het de bedoeling is dat de prijs elk kwartaal wordt aangepast. Hij streeft ernaar om de prijs jaarlijks met 25 procent te kunnen verlagen.

Oorspronkelijk was het de bedoeling dat de honderd-dollar-laptop slechts honderd dollar zou kosten. In de afgelopen paar maanden is deze prijs al diverse malen verhoogd, omdat de productiekosten hoger bleken uit te vallen.

Het OLPC-project heeft al tweehonderd bètaversies van de laptop uitgedeeld in zeven landen die al hebben toegezegd grote orders te willen plaatsen. Deze landen zijn Brazilië, Argentinië, Uruguay, Nigeria, Libië, Pakistan en Thailand. Ook zijn er 2.000 laptops verstuurd naar softwareontwikkelaars.