De OPTA bepaalde in maart dat de tarieven voor bellen van een vast toestel naar een mobiele telefoon in fases omlaag gebracht moesten worden. O2, het voormalige Telfort, is het er niet mee eens dat de zogenoemde mobiele terminating tarieven omlaag gaan. O2 meent dat de OPTA niet de bevoegdheid heeft om zomaar te snijden in tarieven van telecomoperators. Volgens O2 is de OPTA een toezichthouder en geen regelgever. "Wij vinden dat de tarieven zoals die nu in Nederland gehanteerd worden heel redelijk zijn", zegt een woordvoerder van O2. "De Nederlandse tarieven zijn in lijn met vergelijkbare aanbieders in andere Europese landen." Het telecombedrijf is er ook bang voor dat de continuïteit in gevaar zou kunnen komen door de verminderde opbrengsten als de prijzen verplicht omlaag gebracht worden.

Uitstel

De president van de rechtbank van Rotterdam heeft het besluit van de OPTA nu geschorst. De telecomwaakhond zal een nieuw besluit moeten nemen over de terminating tarieven van O2. Een woordvoerder van de OPTA kan op dit moment nog niet aangeven hoe lang het duurt voordat de OPTA een nieuwe besluit neemt. Op dit moment is het nog onduidelijk of de tarieven daadwerkelijk omlaag gaan en als dat toch gebeurt, wanneer dat dan plaats zal vinden. Oorspronkelijk zou de eerste fase van de tariefsverlaging op 1 mei 2002 ingaan. De tweede fase op 1 december. Eerder gaf Vodafone al aan dat het bedrijf het niet eens was met de voorgestelde tariefverlaging. Het telecombedrijf is het niet eens met de hoogte van de verlaging en de periode waarin de wijzigingen doorgevoerd moeten worden. Ook Vodafone geeft aan de dat een mogelijke prijsverlaging 'significante invloeden heeft op de financiële resultaten van het telecombedrijf in Nederland de komende jaren'.