Het meest populaire geheugen gaat tegenwoordig voor een spotprijs over de toonbank. Voor 128 MB geheugen betaal je slechts 40 gulden. Bij het duurdere en iets minder populaire DDR-geheugen zijn de verschillen nog opvallender. Bij dit type geheugen is de prijs meer dan 5 keer gekelderd. Voor 128 MB wordt nu 65 gulden gevraagd. De fabrikanten van computergeheugen maken moeilijke tijden door. Ze worden als gevolg van de vraag-en-aanbod wetten gedwongen de prijzen van het geheugen te verlagen. Verkeerde verkoopverwachtingen spelen een belangrijke rol. De vraag naar computers is de laatste maanden sterk afgenomen als gevolg van de economische situatie in de wereld. Een verminderde vraag naar pc's, betekent ook minder grote vraag naar geheugen. Daar hadden de fabrikanten in eerste instantie niet op gerekend. Met name fabrikanten van DRAM-geheugen produceren nog steeds te veel geheugen ten opzichte van de vraag naar dat geheugen. Het haast onvermijdelijke faillissement van de Zuid-Koreaanse DRAM-fabrikant Hynix biedt hoop voor de andere chipfabrikanten. Als Hynix moet sluiten zal dat de hoeveelheid DRAM op de markt sterk verminderen. Dat betekent dat de prijs weer omhoog kan schieten. Volgens een analist van Gartner bieden de fabrikanten het geheugen op dit moment onder de kostprijs aan. PC-fabrikanten zien de voordelen in van de lage prijzen van het geheugen. Als een consument een nieuwe pc koopt ziet hij nog niet meteen de voordelen van het goedkopere geheugen terug in de prijs. Veel pc-fabrikanten kiezen er voor om de hoeveelheid geheugen in de pc uit te breiden voor dezelfde prijs.