Wat doen kinderen van een jaar of zes tegenwoordig in de schoolpauze? Ik vroeg het me opeens af naar aanleiding van de 'Facebook-rellen' van afgelopen vrijdag in Haren.

Toen ik die leeftijd had, speelden we op school enige tijd krakertje en ME-tje. Amsterdam, waar ik opgroeide, was in die tijd het toneel van grote krakersrellen en om de één of andere reden spraken die veldslagen tussen mobiele eenheid en krakers bij ons - eersteklassers van wat toen nog de lagere school heette - enorm tot de verbeelding.

Het was op die leeftijd ook lastig om niet onder de indruk te raken van wat er zoal op straat gebeurde. Toen ik op een zaterdagochtend aan het ontbijt zat, zag ik vanuit ons souterrain bijvoorbeeld een keer tachtig paar afgetrapte soldatenlaarzen voorbijlopen die het pand van de buren - een verlaten bejaardentehuis dat kort daarna gesloopt zou worden - kwamen kraken.

En op school waren we er getuige van hoe krakers en ME'ers met elkaar een kat-en-muis-spel speelden met het om de hoek gelegen kraakpand de Lucky Luijk als inzet. Bij de ontruiming van dat roemruchte kraakbolwerk zaten we tot 's avonds opgesloten op school, omdat het vanwege rondvliegende stenen en de inzet van traangas te gevaarlijk was om naar buiten te gaan. Het beeld van de lijn 10 die bij die gelegenheid op de kruising van de Van Baerlestraat en de Willemsparkweg in brand werd gestoken, werd in die dagen in het collectieve geheugen gegriefd.

Het beeld dat mij echter altijd zal bijblijven is dat van een groepje krakers die vanuit de PC Hooftstraat met stoeptegels in de hand kwamen aanrennen om de Lucky Luijk te herkraken. Mijn moeder en ik werden bijkans onder de voet gelopen door dit gezelschap, omdat we zelf wegrenden voor een nog veel grotere groep die vanaf het Museumplein opstoomde richting de Jan Luijkenstraat.

Mietjes

Het is nu nauwelijks meer voor te stellen, maar die krakersrellen werden destijds georganiseerd zonder dat er eerst iemand een Facebook-evenement had aangemaakt. Later heb ik eens gelezen dat de Amsterdamse kraakbeweging gebruikmaakte van een telefoonsneeuwbal (weten hedendaagse scholieren eigenlijk nog wat dat is?) waardoor binnen no-time mensen vanuit de hele stad konden worden opgetrommeld als er ergens een ontruiming dreigde.

Ook de Slag bij Beverwijk, tussen hooligans van Feyenoord en Ajax, vond in 1997 plaats zonder dat de supporters van beide clubs eerst via Twitter hadden afgesproken. Nadat een Feyenoord-hoolie de aanhangers van Ajax een maand eerder op tv voor 'mietjes' had uitgemaakt, spraken de rivaliserende supportersgroepen via mobiele telefoons af.

Natuurlijk, zonder de aandacht voor Project X Haren op Facebook, Twitter en de traditionele media waren er afgelopen vrijdag geen rellen geweest in Haren. Maar als bovengenoemde voorbeelden uit het verleden iets aantonen is het wel dat jongeren die willen rellen (dat is overigens een eufemisme voor jongens en jonge mannen die willen rellen), elkaar altijd wel kunnen vinden. Daar hebben ze echt geen sociale media voor nodig.

Het probleem van agressieve (jonge)mannen is van alle tijden. Zou het zelfs niet zo kunnen zijn dat er tegenwoordig veel minder wordt gereld dan vroeger omdat de potentiële relschoppers stoom kunnen afblazen achter de pc?

Oom agent

Des te opmerkelijker is het dat Gerrit van de Kamp, voorzitter van politievakbond ACP, afgelopen weekend pleitte voor mogelijkheden om te kunnen ingrijpen op sociale media. Aan een dergelijke bevoegdheid kleven de nodige bezwaren. En die zijn niet alleen principieel van aard.

Want hoe wil de politie eigenlijk precies voorkomen dat er rellen worden georganiseerd via sociale media? Neemt oom agent al maatregelen als iemand zich aanmeldt voor een Facebook-feestje zonder dat hij is uitgenodigd door degene die het feestje organiseert? Of wachten de dienders met ingrijpen tot het echt uit de hand begint te lopen? En is het dan niet al te laat? Komen er Facebook-cops die controleren of je wel op de juiste plaats een vinkje hebt gezet?

In democratieën is nog niet zoveel ervaring opgedaan met het censureren van sociale media, maar in dictaturen - waar men wat meer ervaring heeft met deze vorm van crowd control - blijkt een dergelijke strategie vaak niet echt een succes. Denk bijvoorbeeld aan Egypte, waar Hosni Mubarak besloot internet helemaal plat te gooien toen een op Facebook begonnen protest tegen zijn regime serieuze vormen aan begon te nemen. De demonstranten lieten zich er niet door van de wijs brengen en Mubarak kon even later zijn biezen pakken.

Kaasjager

Het gebeurt wel vaker dat politieagenten radicale maatregelen bepleiten om nieuwe 'uitdagingen' het hoofd te bieden. Geconfronteerd met het toenemende autoverkeer lanceerde de Amsterdamse hoofdcommissaris Hendrik Kaasjager in de jaren vijftig bijvoorbeeld het plan om de hoofdstedelijke grachten te dempen. Daarvoor in de plaats zouden dan mooie, brede autowegen moeten komen.

Het nadeel van het verstrekken van een censuurvolmacht aan de politie lijkt me enigszins vergelijkbaar met het Kaasjager-plan: je draait het zo lastig weer terug. Nieuwe bevoegdheden voor autoriteiten die misschien alleszins redelijk lijken op het moment dat de schijt de ventilator raakt, verdwijnen immers niet zomaar als de crisissituatie weer voorbij is.

In de jaren vijftig bleek er gelukkig geen politieke meerderheid te zijn voor het voorstel om de historische binnenstad van Amsterdam op te offeren aan het autoverkeer. Laten we hopen dat het met de steun voor de proefballon van Van de Kamp niet anders is.