Door de verkoop van bedrijfsonderdelen hoopt PSINet geld binnen te halen om het naderende faillissement te voorkomen. PSINet heeft al aangegeven dat het meer tijd nodig heeft voor het aanleveren van de jaarcijfers bij de SEC (Securities and Exchange Commission), de Amerikaanse beurswaakhond. Het bedrijf heeft 15 dagen uitstel aangevraagd. PSINet, dat 4,6 miljard dollar in het rood staat, heeft de hulp ingeroepen van Goldman Sachs en Dresdner Kleinwort Wasserstein om een uitweg te vinden uit de problematiek. Tot nu toe heeft het bedrijf een paar onderdelen verkocht, maar het geld dat deze verkoop heeft opgeleverd, is bij lange na niet genoeg om het bedrijf draaiende te houden. PSINet geeft zelf in een verklaring aan dat het goede hoop heeft dat er een oplossing gevonden wordt, maar dat het er serieus rekening mee houdt dat het huidige aandeel binnenkort niets meer waard is. De koers van het aandeel noteerde gisteren op de Nasdaq 19 dollarcent. Een jaar geleden stond het aandeel nog op 35 dollar. De Nasdaq voert in principe het beleid dat de handel in aandelen die onder 1 dollar noteren stopgezet wordt. De notering op de Nasdaq raakt het bedrijf door de lage koers waarschijnlijk kwijt. De afgelopen jaren ging het voorspoedig met het bedrijf. Na diverse overnames besloot PSINet halverwege 2000 dat het tijd was te stoppen met de overnames van ISP's en dat de nieuwe strategie "groei door succes" moest zijn. In juni zei CEO Bill Schrader: "Ik denk dat we nu genoeg klanten, genoeg kabels en genoeg datacentra hebben. Nu moeten we dat bezit in waarde omzetten." In maart 2000 deed PSINet zijn grootste aankoop door voor 1,9 miljard dollar de consultancyfirma Metamor over te nemen. Toentertijd gold zo'n aankoop nog als 'verstandig'. Uiteindelijk bleek deze aankoop slecht uit te pakken toen het sentiment in de interneteconomie omsloeg. PSINet spreekt dan ook van "de juiste overname op het verkeerde moment".

Eerdere relevante berichten:
PSINet legt de lat hoger (20 oktober 1999)