Dat blijkt uit de reacties op het rapport over open standaarden en open source van de Algemene Rekenkamer. Zo reageert Minister Donner namens zowel BZK als Economische Zaken. Hij prijst aan een kant het feit dat het onderwerp “zakelijk en genuanceerd” wordt gebracht, maar uit zich kritisch over de conclusies.

Meer voordelen dan nadelen

Zo deelt Donner de conclusie dat er voor open standaarden “geen bewijsvoering bestaat voor de algemene geldigheid van de potentiële voordelen van open standaarden” niet. “Ik ben wel van mening dat gemiddeld genomen met name de kwalitatieve voordelen van open standaarden groter zijn dan de nadelen, vooral vanuit het oogpunt van interoperabiliteit”, schrijft hij aan de Rekenkamer.

Hij wijst op het verminderen van afhankelijkheid van leveranciers als reden voor het gebruik van open standaarden. “Ik hecht er juist aan om de complexiteit, de verwevenheid en leveranciersafhankelijkheid te doen verminderen”, schrijft de minister. “Het kabinetsbeleid beziet overstappen naar open standaarden en/of open source software daarom niet alleen naar de inspanning die een overstap kost, maar vooral naar lange termijn voordelen en economisch-maatschappelijke baten van betere samenwerking en efficiëntere gegevensuitwisseling binnen en tussen organisaties.”

Erg slordig

Bij de Socialistische Partij, die de motie om een rapport indiende, overheerst vooral teleurstelling. “We hebben ze [de Rekenkamer – redactie] gevraagd alle licentiekosten in kaart te brengen en dat hebben ze niet gedaan”, zegt kamerlid Sharon Gesthuizen tegenover Webwereld. Dat dit niet is gedaan vindt ze “erg slordig”.

Ze denkt dat het wel mogelijk is de kosten op een rij te krijgen. Daarnaast valt haar het grote verschil op tussen het rapport van Binnenlandse Zaken dat een besparing tot vier miljard berekent, en dat van de Rekenkamer met nauwelijks haalbare besparing. “Hoe het precies zit, is me niet duidelijk. De waarheid zal ergens in het midden liggen.”

Vertrouwen

PvdA-politicus Pierre Heijne begrijpt het verschil ook niet. “Leg mij dat nou eens uit, want hier snap ik als simpele volksvertegenwoordiger dus helemaal niets van”, vertelt hij Webwereld. “De een zegt dat het om zeker honderden miljoenen gaat, terwijl de ander het maximaal besparingspotentieel op 80 miljoen zet.”

Het kamerlid, dat ook voorzitter is van de commissie, besloot daarom ook tot het houden van een schriftelijke vragenronde. “Daar moet meer duidelijkheid uit komen”, stelt hij. “Want dit grote verschil is niet te verklaren. Help mij!”

Zeer mager

Holland Open, dat eerder toegang tot het rapport had, noemt het rapport 'zeer mager'. "In het rapport staat veel tekst, maar er wordt weinig gerekend", schrijft de belangenclub. "Dat kan ook niet anders, want het is de opstellers van het rapport niet gelukt om door te dringen tot de kern van de zaak. Het is een nauwelijks serieus te nemen antwoord op de terechte vragen uit de Tweede Kamer."

De politici willen eerst meer helderheid voordat ze een definitief oordeel over het rapport vellen. Microsoft, branchevereniging ICT~Office en OSSLO reageren pas na nadere bestudering van het rapport.