De rechtbank in het district Parijs heeft geoordeeld dat het delen van muziek- en filmbestanden via p2p hetzelfde is als het maken van privé-kopieën. Dit is volgens de Franse wet toegestaan.

De zaak kwam aan het rollen toen bij een onderzoek 1875 mp3- en divx-bestanden op de computer van Anthony G. werden aangetroffen na een inval op 21 september 2004. De Franse muziekindustrie (Société Civile des Producteurs Phonographiques) diende vervolgens een aanklacht voor 1212 nummers in.

Athony werd bijgestaan door de Association of Audionautes (ADA), een door studenten opgerichte vereniging die zich richt op de verdediging van claims van de muziekindustrie. De organisatie verzilverde op 8 december 2005 de vrijspraak, maar wachtte met het zoeken van de publiciteit tot deze week de uitspraak (pdf) werd gepubliceerd.

De juridische problemen voor Anthony zijn overigens nog niet ten einde. Inmiddels is hoger beroep aangetekend, dat naar alle waarschijnlijk later dit jaar zal dienen in Montpellier. De ADA zegt dat beroep met vertrouwen tegemoet te zien en verwacht een gelijke uitspraak, omdat het hof in Montpellier al in een andere zaak afzag van het toekennen van schadevergoeding.

Uit vier eerdere zaken blijkt dat de ADA vrijspraak wist te krijgen voor het downloaden van bestanden, maar niet eerder werd uploaden ook als toelaatbaar gezien. In twee gevallen werden respectievelijk 20 en 70 cent toegekend als schadevergoeding. De organisatie helpt inmiddels meer dan 100 mensen met een verdediging.

Frankrijk was het eerste land ter wereld waar een wetvoorstel werd ingediend om specifiek p2p-downloaden te legaliseren.

In een reactie laat de brancheorganisatie van de enterainmentindustrie, de NVPI, weten dat de Franse situatie niet met de Nederlandse te vergelijken is. "De wet in Frankrijk is verouderd", vindt woordvoerder Wouter Rutten. Een Europese richtlijn die aanpassingen voor het digitale tijdperk voorschrijft, is nog niet geïmplementeerd in Frankrijk.

"Rechters gaan hun eigen afwegingen maken en die pakken iedere keer anders uit. Dat betekent een hoop verwarring voor consumenten en rechthebbenden die mogen verwachten dat Frankrijk zich houdt aan de internationale verdragen.", denkt Rutten.