Dat heeft de Amsterdamse rechtbank woensdag bepaald in een rechtszaak die enkele teleurgestelde aandeelhouders hadden aangespannen tegen ABN Amro, de bank die de beursgang van World Online begeleidde. De advocaat van de boze beleggers, Oscar Hammerstein, laat desgevraagd weten dat hij hoger beroep aantekent. Volgens de beleggers was ABN Amro schuldig aan de beleggingsverliezen die zij op het aandeel World Online hadden geleden. De bank zou hebben nagelaten om in het prospectus te vermelden dat Nina Brink een flink deel van haar belang enkele maanden voor de beursgang had verkocht voor een veel lagere prijs dan de introductiekoers van het aandeel. Brink verkocht haar aandelen voor 6,04 dollar per stuk, terwijl het aandeel voor 43 euro naar de beurs ging.

Transferred

De zaak spitste zich toe op het in het prospectus gebruikte woord 'transferred'. Volgens Brink en ABN Amro was die term maar voor één uitleg vatbaar: de topvrouw van World Online had haar aandelen verkocht. Volgens de aandeelhouders kan 'transferred' echter ook een andere betekenis hebben. De rechtbank is het daar niet mee eens. "Er is geen enkele reden waarom het transferred iets anders dan een vervreemding zou inhouden." Bovendien meent de rechtbank dat de prijs waarvoor Brink haar aandelen van de hand heeft gedaan, niet relevant was voor de aandeelhouders. De oprichtster van World Online had namelijk met de koper van de aandelen afgesproken dat zij bij het doorverkopen van de aandelen nog eens 50 procent van de opbrengst zou krijgen. Uiteindelijk kwam het bedrag dat Brink per aandeel ontving, daardoor uit op 24 euro.