De acties van de Recording Industry Association of America ( RIAA) tegen internetters die illegale muziekbestanden via peer-to-peernetwerken aanbieden, zijn door een Amerikaanse federaal hof van beroep verboden. De uitspraak vernietigt een eerdere beslissing van een lagere rechtbank. Met name Verizon kwam in januari dit jaar in het nieuws omdat deze provider weigerde persoonsgegevens van een abonnee, die meer dan duizend illegale muziekbestanden aanbood, aan de RIAA door te spelen. De rechter bepaalde uiteindelijk dat Verizon de identiteit van de abonnee niet langer geheim mocht houden. Inmiddels heeft Verizon meer dan vierhonderd dagvaardingen van de RIAA ontvangen.

DMCA

De RIAA eiste de persoonsgegevens van vermeende illegale uploaders op, op basis van de Digital Millennium Copyright Act (DMCA) uit 1998. Rechter Douglas Ginsburg heeft nu bepaald dat de DMCA geen basis is voor auteursrechtenbezitters om dagvaardingen te sturen naar internetters. Internetgebruikers leggen via de internetprovider alleen contact met internet en dus kunnen providers bij vermeende auteursrechtenschending niet verplicht worden om mee te werken aan dagvaardingen tegen abonnees, redeneert Ginsburg. In de argumentatie van de uitspraak benadrukt Ginsburg dat hij niet tegen de actie van de RIAA is om schendingen van auteursrechten te bestrijden, maar dat het opeisen van identiteiten voor het versturen van dagvaardingen niet valt onder de DMCA.

Schikking

RIAA-directeur Cary Sherman betreurt de uitspraak. "Dit betekent helaas dat we illegale muziekuploaders niet meer de mogelijkheid kunnen bieden om tot een schikking te komen om zo een rechtszaak te voorkomen." Privacyorganisatie Electronic Frontier Foundation (EFF) is daarentegen verheugd over de uitspraak en spreekt van een overwinning voor internetters. "Internetters zijn de winnaar in de Verizon-zaak", reageert Wendy Seltzer van de EFF.