Daarmee is het besluit van telecomtoezichthouder over KPN's positie op de markt voor huurlijnen naar de prullenbak verwezen. De rechtbank is niet eens begonnen aan de inhoudelijke behandeling doordat de door OPTA gehanteerde tweedeling van de markt is afgekraakt en afgewezen.

In december 2008 heeft OPTA het zogenaamde "Besluit marktanalyse huurlijnen" gepubliceerd waarin het prijsplafond voor KPN vaststelt voor de huur van zakelijke (glasvezel)verbindingen. Deze markt bevat volgens OPTA eigenlijk twee markten, een laagcapacitaire (onder de 20 Mbps) en een hoogcapacitaire (boven de 20 Mbps). Op beide markten is KPN dominant, constateert OPTA.

Marktbreed verzet

Na de bekendmaking van dat besluit is er een ware opstand tegen ontstaan. Zowel KPN als praktisch alle andere concurrerende partijen in deze sector stapten naar het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb). Onder de protesterende telecombedrijven bevinden zich Bbned, Verizon, BT, Colt, Online en Tele2. Een van de belangrijkste concurrenten in deze markt is Eurofiber, die klaagde dat een prijsplafond voor KPN juist zou leiden tot prijsdumping door de telecomreus om de concurrentie om zeep te helpen.

Tot een inhoudelijke behandeling van het omstreden marktbesluit is het rechtscollege niet eens toegekomen. Bij halte één, de marktanalyse waarop het besluit is gebaseerd, trekt het CBb al een ferme streep door het hele plan.

Kunstmatige grens

Kort gezegd komt het er op neer dat de grens die OPTA hanteert tussen de twee markten, 20 Mbps, arbitrair is. OPTA heeft onvoldoende onderzocht en hard gemaakt waarom die grens op 20 Mbps moet liggen en niet veel lager. In een vorig huurlijnenbesluit uit 2005 lag de grens tussen hoog- en laagcapacitair nog op 2 Mbps.

Volgens OPTA vormt 20 Mbps de grens tussen koper en glasvezel, maar dat onderscheid is slecht onderbouwd en bovendien markteconomisch niet relevant, betoogde KPN. Het CBb geeft KPN daarin gelijk en verwijst het Huurlijnenbesluit naar de prullenbak.

Strafwerk

"OPTA heeft niet voldaan aan de verplichting om de nodige kennis omtrent de relevante feiten te vergaren en haar besluiten te voorzien van een deugdelijke motivering", luidt de harde conclusie van de rechtbank.

De toezichthouder krijgt zes maanden de tijd om zijn huiswerk opnieuw te doen. "De uitspraak die het CBb heeft gedaan is heel duidelijk en wij gaan aan de slag voor een nieuw besluit", reageert een woordvoerster van OPTA.