Belangrijkste wijziging is dat open source software (OSS) niet meer wordt gezien als maatwerksoftware, maar als standaardsoftware. Daardoor vervalt de eis dat het eigendom van programma’s op basis van open source software moet worden overgedragen aan de Rijksdienst die het programma gebruikt. In de nieuwe licentievoorwaarden krijgt de overheid het recht van gebruik in plaats van eigendom, net zoals dat gebruikelijk is met closed source software.

Omdat het Rijk nu vindt dat OSS moet worden aangemerkt als standaard software, zijn afzonderlijke definities in de aankoopvoorwaarden niet meer nodig. Die worden geschrapt uit de Arbit, de Algemene Rijksvoorwaarden bij ict-overeenkomsten.

Dienstverlener verantwoordelijk voor advies

Andere wijziging is dat als open source-software op advies van de ict-dienstverlener van het internet wordt gedownload, diezelfde dienstverlener nog steeds verantwoordelijk is voor de juistheid van dat advies. Dat was in de oude voorwaarden niet zo.

Ook kan de ict-dienstverlener het gebruiksrecht van een derde partij doorgeven naar de opdrachtgever. Dat gebeurt als (onderdelen van) een softwareproduct van een andere leverancier komt en het gebruik ervan een sublicentie vergt. Dat is een gangbare praktijk in de markt voor gesloten software. Ook daarin ziet de overheid geen verschil meer in gesloten en open source software.

Al bij start veel kritiek

De Arbit is op 20 juli vorig jaar ingegaan en stuitte direct al op veel kritiek. Leveranciers van OSS zouden worden benadeeld. Met name de eis aan leveranciers van open source-software dat zij een onderzoek moeten doen om vast te stellen of er claims op basis van intellectueel eigendom zijn, bleek belemmerend. Voor gesloten software geldt die bepaling niet.

Het Arbit-artikel waarin staat dat de leverancier gedetailleerde kennis moet hebben van alle eigendomsrechtelijke aspecten van open source programmatuur is geschrapt. Nu de eigendomsrechten van OSS niet meer hoeven te worden overgedragen aan de rijksoverheidsdienst die de initiële opdracht geeft, is dat verder niet meer van belang.

Doordat nu de voorwaarden waaraan leveranciers van open en van gesloten software zijn gelijkgeschakeld, vindt het Rijk dat er nu een “level playing field” is ontstaan, een gelijk speelveld en dus eerlijker concurrentie. “Dit verbetert de concurrentie in de softwaremarkt.”