Het protocol, Disruption Tolerant Networking (DTN), is vergelijkbaar met TCP/IP, maar voorziet ook in communicatie over lange afstanden. DTN ondervangt eventuele storingen in de verbinding door datapakketten in de wachtrij te zetten, en ze pas te versturen als de omstandigheden gunstig zijn. Verstuurde gegevens kunnen in theorie dagenlang in de wacht staan.

NASA ontwikkelde deze technologie met hulp van internetpeetvader Vint Cerf en Google. NASA en Google sloten tien jaar geleden al een eerste samenwerking. De technologie werd al eens eerder getest in een onbemand ruimtevoertuig dat 32 miljoen kilometer van de aarde af door de ruimte zweeft.

Verstuurd naar het ISS

In mei is de benodigde apparatuur verstuurd voor een test op het ruimtestation ISS. Daar wordt het DTN-systeem getest op routing, naming, adressering, beveiliging en de kwaliteit van de dienst, meldt de NASA.

Afhankelijk van het draadloze netwerk kan het 'interplanetaire internet' gegevens met de snelheid van het licht over miljoenen kilometers versturen, aldus Kevin Gifford, een onderzoeker die voor NASA werkt aan de ontwikkelingen van DTN.

Twitteren vanuit de ruimte

Gifford verwacht dat astronauten eind 2010 via DTN kunnen Twitteren uit de ruimte. DTN kan ook op aarde worden gebruikt, om bijvoorbeeld wifi tijdens vliegreizen te verbeteren. Maar de onderzoekers hebben geen commerciële plannen. Gifford: "We ontwikkelen dit als een open standaard, net als TCP/IP."