Het bedrijf heeft hiertoe besloten omdat de plannen relatief laat bekend werden gemaakt. Linux-gebruikers hebben hierdoor twee weken extra tijd om een licentie te kopen voor de `introductieprijs' van 699 dollar per processor. "Het is onze eigen schuld dat de licenties later beschikbaar kwamen dat we hadden gehoopt", licht Blake Stowell van SCO toe. De ingangsdatum is daarom verschoven naar 1 november. Een licentie gaat dan 1399 dollar per processor kosten. Ondanks de vertraging zegt het bedrijf tevreden te zijn over de huidige gang van zaken. Zo tevreden zelfs dat de plannen om een rekening aan commerciële Linux-gebruikers te sturen, op de lange baan zijn geschoven.

Tevreden

"We zijn nu tevreden over de geboekte resultaten wat betreft licenties", aldus Stowell. Wel doet de fabrikant alle mogelijke moeite met de potentiële klanten in contact te komen. Naast e-mailtjes worden de bedrijven ook telefonisch benaderd. "Liever sturen we geen rekeningen de deur uit. Dat is een agressievere benadering", zegt Stowell. Volgens Gordon Haff, analist bij Illuminata, vindt SCO het wel best allemaal zo en verstuurt het bedrijf liever überhaupt geen rekeningen. "Als er dan niet wordt betaald, moeten ze actie ondernemen. Anders lijkt het niets anders dan pure bluf." Een andere reden kan zijn dat het versturen van rekeningen leidt tot ongewenste rechtszaken. De analist verwacht dat veel van de bedrijven die een rekening zouden ontvangen, dit als onterecht bestempelen. De gang naar de rechter om gelijk te krijgen, is dan snel gemaakt, denkt Haff. SCO claimt dat delen van broncode van Linux inbreuk maken op zijn intellectuele eigendomsrechten. In maart spande de Unix-fabrikant hierom een rechtszaak aan tegen IBM. Bovendien dreigde het bedrijf ook individuele gebruikers aan te klagen voor het gebruik van Linux. Hiervoor riep het bedrijf de `Intellectual Property License for Linux' in het leven. Linux-gebruikers die zo'n licentie aanschaften zouden bij eventuele rechtszaken worden ontzien.