Gecko is de codenaam voor de motor die de komende generatie webbrowsers van Netscape gaat aandrijven. Dit nieuwe hart van Navigator belooft een hele verbetering ten opzichte van de huidige techniek. Omdat Netscape begin dit jaar besloot de broncode van zijn bladeraars open en bloot voor iedereen beschikbaar te stellen, kan het publiek nu ook kennisnemen van de veelbelovende Gecko. Het idee achter de open source-strategie is om de acceptatie van een product zo breed mogelijk te maken. Door iedereen via de site Mozilla.org toegang tot de broncode te geven, hoopt Netscape dat een grote gemeenschap verbeteringen aan de technologie aanbrengt. Met een dergelijke strategie is het gratis besturingssysteem Linux ook groot geworden. Het hart van de browsersoftware is het gedeelte dat de vertaling maakt van (bijvoorbeeld HTML-code) naar datgene wat de eindgebruiker uiteindelijk op zijn scherm te zien krijgt: letters, geluiden, filmpjes en plaatjes. Hoe sneller en efficiënter dit gebeurt, hoe liever het de gebruiker en dus ook de softwareontwikkelaar is. Vandaar dat Netscape veel verwacht van Gecko. Ondersteuning voor HTML 4.0, XML, CSS, DOM (Document Object Model), RDF (Resource Description Framework) en Open Java Interface zijn aanwezig bij Gecko. Maar dit is niet meer dan logisch. Belangrijker is dat Gecko een stuk sneller is en bovendien zeer gering in omvang. Uiteindelijk moet de als ZIP ingepakte motor op één ouderwetse diskette passen. Omdat Gecko zo compact is, ligt de weg ook open voor implementatie in faxapparatuur, set-top boxen voor de TV, palmtops en digitale telefoons. Dit is althans het plan van America Online, de provider die Netscape heeft overgenomen. De slanke techniek zal natuurlijk ook worden ingepast in de Netscape-browser die AOL zal gaan gebruiken als straks het contract met Microsoft voor de bundeling van Internet Explorer afloopt. Ook wil de Amerikaanse provider Gecko gaan benutten voor zijn chat-software ICQ. Geïnteresseerde programmeurs kunnen Gecko downloaden bij de Open Studio site van Netscape. Er moet hierbij niet aan een publieke bètaversie van Communicator 5.0 worden gedacht (die komt pas volgend jaar), maar een blik op de nieuwe ontwikkeling waaraan een ieder zijn bijdrage mag leveren. Wie een groot aandeel heeft in het ontdekken en omschrijven van bugs, krijgt een plaats in Netscapes Hall of Fame, zo wordt beloofd.