SourceForge was ooit een populaire hub voor ontwikkelaars om hun code te plaatsen, maar onder meer crapwarebundeling en codegijzeling van het platform zorgde ervoor dat ontwikkelaars boos wegliepen. De eigenaars van SourceForge kondigden afgelopen zomer aan de boedel te willen verkopen en dat lukte eind vorige maand. De koper wil de reputatie van het hostingplatform herstellen.

Crapwaregate leidt tot exodus

SoureForge is samen met Slashdot onderdeel van Slashdot Media, dat in 2012 in handen kwam van webdienstleverancier Dice Inc (DHI Group). Dat bedrijf wilde vooral SourceForge beter te gelde maken en een van de manieren daarvoor was een controversieel programma uit 2013 met de titel DevShare. Daarbij kregen downloaders gebundelde software (lees: crapware) mee met de installer die ze eigenlijk wilden hebben.

Populaire softwaremakers als VideoLAN en GIMP trokken weg van SourceForge en de inzakkende populariteit zorgde alleen maar voor meer crapware, met zelfs de komst van adware in softwarebundels. De ontwikkelaars van Notepad++ stapten daarom vorige zomer laaiend op en riepen andere ontwikkelaars op om hetzelfde te doen.

Terug naar de roots?

Maar dit duistere hoofdstuk in de geschiedenis van SourceForge moet nu worden afgesloten. De eigenaars voegen daad bij woord en schrappen het hele DevShare-programma. "We willen onze reputatie als vertrouwd thuis voor open source-software herstellen en dit was een duidelijke eerste stap daartoe", aldus een verklaring van SourceForge.

Een goede reputatie komt te voet en gaat te paard, en de reacties op de zet van Het Nieuwe SourceForge laten een flinke dosis scepsis zien van ontwikkelaars. Bovendien zitten veel ontwikkelaars op alternatieve code-platforms als GitHub en FossHub en SourceForge gaat er een flinke kluif aan hebben om niet alleen zijn reputatie te herstellen, maar ook om ontgoochelde ontwikkelaars terug te winnen.