Dat blijkt uit een brief die minister Laurens Jan Brinkhorst (Economische Zaken) aan de Tweede Kamer heeft gestuurd. De brief van Brinkhorst is een reactie op twee brieven die Groenendaal aan het parlement heeft gestuurd. In deze brieven suggereert Groenendaal dat OPTA er dubieuze praktijken op na houdt bij de handhaving van het verbod op het versturen van ongevraagde e-mail aan consumenten. De kritiek van Groenendaal op de OPTA is niet nieuw. Vrijwel meteen nadat de OPTA Groenendaal eind december een boete van 25.000 euro had opgelegd, liet het Hilversumse bedrijf via een persbericht weten het niet eens te zijn met de straf. De OPTA had in totaal 160 klachten ontvangen over spamberichten waarvoor Groenendaal medeverantwoordelijk was. Als bewijs nam de telecomwaakhond drie verklaringen af bij mensen die de spam hadden ontvangen. Volgens Groenendaal deugden die verklaringen niet. Eén verklaring was afkomstig van een provider. Die verklaring was niet geldig: alleen consumenten kunnen een klacht indienen. De andere twee verklaringen waren afkomstig van Rejo Zenger en Karin Spaink, die beiden actief zijn voor Spamvrij.nl. Omdat Zenger en Spaink consumenten zijn, mogen zij wel gewoon een klacht indienen, oordeelde de OPTA. Brinkhorst voelt er niets voor om op de klachten van Groenendaal te reageren. Volgens de minister betreft het een 'aangelegenheid van OPTA'. De Hilversumse uitgever heeft inmiddels bezwaar gemaakt bij de OPTA. Het besluit over dit bezwaar volgt waarschijnlijk later deze maand.