De CEO van standaardenorganisatie W3C, Jeff Jaffe, stelt dat het afwijzen van Digital Rights Management (DRM) in de HTML-specificatie zorgt voor een gefragmenteerd internet. Tegenover ZDNet zegt hij dat kopieerbeveiliging voorkomt dat filmstudio’s content van internet trekken uit angst dat internetpiraten ermee aan de haal gaan.

Eén platform mét DRM

Dat zorgt ervoor dat bepaalde webcontent niet via HTML5 beschikbaar is, maar enkel via native applicaties. Het idee achter HTML5 is juist dat het één platform is voor het web en afrekent met de noodzaak voor native applicaties en speciale plug-ins voor bijvoorbeeld videocontent. Jaffe vindt dat content zoveel mogelijk via webapplicaties beschikbaar moet zijn.

“We vinden het geen goed idee dat content wordt afgeschermd met muren of in gesloten apps verdwijnt”, aldus de W3C-CEO. “We zullen geen proprietary DRM-systeem standaardiseren, maar we willen aan de andere kant niet dat het helemaal wordt uitgesloten van het webplatform.”

Twee HTML-kampen

De plannen om DRM in de HTML5-specificatie op te nemen, stuiten op fors verzet. Bedrijven als Google en Microsoft zijn voorstander van het verwerken van kopieerbeveiliging in de nieuwe HTML-standaard. Een van de auteurs van HTML en voorzitter van de W3C-werkgroep heeft zich juist tegen DRM gekeerd. Hij wordt gesteund door onder meer digitale burgerrechtenorganisatie EFF en open source-goeroe Richard Stallman.

Internetpionier Tim Berners-Lee denkt juist dat de komst van DRM in HTML5 nodig is. Hij is bang dat anders distributeurs nooit zullen aanhaken op het platform en het web afhankelijk blijft van plug-ins als Flash en Silverlight. Hij denkt dat DRM een concessie is die gedaan moet worden om het web zo open en uniform mogelijk te houden.

Open DRM-API’s

Jaffe ziet als compromis om de twee kampen te vereniging een alternatief voor zich met open API’s. “Deze brengen de content via een plug-in, maar we standaardiseren de plug-in niet”, stelt de voorzitter van de W3C. Hij ziet dan het liefst dat de API's van deze DRM-inhakers worden ontwikkeld onder de vlag van de W3C in plaats van bij individuele bedrijven.