Aanstaande vrijdag moeten de staten bij rechter Kollar-Kotelly hun alternatief indienen voor de schikking die in de antitrustzaak tegen Microsoft is overeengekomen tussen het concern, het Amerikaanse ministerie van Justitie en de overige negen staten die de zaak voerden. De staten gaat het schikkingsvoorstel niet ver genoeg en zij zullen dan ook aandringen op hardere maatregelen. Maar volgens The New York Times zullen zij Microsoft niet willen dwingen om de broncode van zijn software te licenseren aan de concurrentie. De Europese Commissie zou in zijn antitrustzaak tegen het softwareconcern deze maatregel wel overwegen, zo werd eerder deze week bekend. Microsoft verzet zich hier fel tegen. De onderneming claimt dat deze verplichte licenties in strijd zijn met de internationale copyrightwetgeving. Ook zullen de negen staten niet aandringen op een verbod op het integreren van software met het Windows-besturingssysteem. Maar wel overwegen zij om te eisen dat Microsoft naast de volledige versie van Windows ook een uitgeklede variant van het besturingssysteem, zonder alle extra software als de Media Player of Messenger, op de markt brengt. Een andere eis die overwogen wordt is dat Microsoft Java weer gaat ondersteunen in Windows. Het concern heeft de programmeertaal van Sun jarenlang ondersteund maar stopte hiermee in Windows XP, na een conflict met het bedrijf. Gebruikers van het nieuwe besturingssysteem moeten nu zelf een Java Virtual Machine downloaden. Tot de staten die de juridische strijd tegen Microsoft willen voortzetten behoren onder meer Californië, Florida en Massachusetts. Verschillende consumentengroepen in de Verenigde Staten moedigen de overgebleven staten aan om voet bij stuk te houden en de zaak door te zetten. Zij hebben woensdag de negen openbare aanklagers van de staten een brief gestuurd waarin zij het schikkingsvoorstel `vaag geformuleerd en vol met valkuilen' noemen.