De hoogste gerechtelijke instantie in de Verenigde Staten wil de zaak tegen Tenenbaum niet in behandeling nemen voor een eventuele verlaging van de boete. In een eerder stadium heeft een rechter die 675.000 dollar al verlaagd naar een maximum van 2250 dollar per online gedeelde song. De door de jury opgelegde boete zou té zwaar zijn, oordeelde de rechter toen. In hoger beroep is die verlaging echter weer teruggedraaid.

6,75 ton óf nieuwe zaak

Tenenbaum heeft zich vervolgens tot het Supreme Court gewend, die nu weigert (PDF) de zaak in behandeling te nemen. Dit betekent voor de veroordeelde student dat de boete van 22.500 dollar per mp3-bestand weer dreigt. De net afgestudeerde 28-jarige student heeft niet het geld om die hoge boete te betalen. Hij heeft de afgelopen zes jaar gewerkt voor een studentenvergoeding, zegt hij tegen persbureau Associated Press.

Het Hooggerechtshof heeft de zaak weer terugverwezen naar een lagere rechter. Die kán de boete opnieuw verlagen (middels een zogeheten remittitur), maar daarbij hebben de aanklagers het recht een nieuwe zaak te beginnen. Dit zijn de platenmaatschappijen die Tenenbaum in 2007 hebben aangeklaagd voor zijn filesharing via Napster en Kazaa in 2003.

4,5 miljoen dollar

Indien zij niet akkoord gaan met een eventueel verlaagde boete, kan de hele rechtszaak opnieuw worden gevoerd. Dat is al gedaan met 'mp3-huismoeder' Jammie Thomas, schrijft techblog Ars Technica. Bij zo'n nieuwe zaak kan de strafmaat heel anders uitpakken, waarna de aanklagers nog in beroep kunnen gaan.

De theoretisch maximale schadevergoeding voor Tenenbaum bedraagt 4,5 miljoen dollar. Hij zegt nu wel dat hij de strijd wil voortzetten. De student stelt dat de huidige Amerikaanse auteursrechtenwet ongrondwettelijk is en dat het niet de bedoeling van het Congres kan zijn om dergelijke hoge schadevergoedingen op te leggen aan consumenten.

Schade door filesharing

Zijn advocaat heeft eerder al betoogd dat de boete 99 dollarcent per song moet zijn, naar de verkoopprijs in online-winkels zoals iTunes. De advocaten van de platenmaatschappijen, verenigd in branchevereniging RIAA (Recording Industry Association of America), werpen tegen dat illegaal downloaden - en online-delen - veel grotere schade aanricht. De aanschafwaarde van muzieknummers kan dus niet als boetemaatstaf dienen, pleiten de aanklagers.