Amsterdam, Centraal Station. Even bellen. Op de perrons staan bosjes telefoons van Telfort, die ook met muntjes werken. Handig, want ik heb m'n zakken vol van die euro's. Maar. De eerste telefoon is dood. Enkele andere accepteren geen muntje. Volgende perron; zelfde verhaal. Op een ander perron slikken de telefoonzuiltjes het muntje half in, en geven het niet meer terug.

Opeens staat er een junk naast me. "Die doet het niet met muntjes, vriend." Hij zwaait met een bundeltje telefoonkaarten, en vervolgt: ""Je moet zo'n kaartje kopen." Yea right. Dan kijkt hij verwachtingsvol. Loop ik weg? Deze loser is uit op mijn 50 eurocent. Met een sleutel vis ik mijn munt uit het apparaat. De junk snelwandelt verder langs de andere zuiltjes. Kennelijk weet hij beter wat er aan de hand is met de Telfort-telefoons dan Telfort zelf. En ik moet toch echt even bellen. Even maar.

Bij Grens Wissel kantoor en NS-loket kan ik een telefoonkaart kopen, meldt het zuiltje. Bij het GWK moet ik een nummertje trekken. Ik ben nummer 106, en nummer 77 staat aan het enig geopende loket al tien minuten moeilijk te doen over een mobieltje dat je volgens de poster aan de muur in vijf minuten bij het GWK zou kunnen aanschaffen.

Naar het NS loket, zo'n beetje aan de andere kant van het station. Weer in de rij. En dan heeft de NS geen kaarten voor de telefoons op het station. Nota bene. Wel eentje van KPN. Wat moet ik daar mee? "Buiten", zegt de vrouw achter het loket.

Iets verderop buiten staat een trosje KPN-groene telefoonzuiltjes. De helft is defect en rond de rest staan rijen. Weer wachten. Uiteindelijk heb ik bijna een uur nodig gehad om enkele minuten te bellen. Moet je dan verplicht aan het mobieltje? En straks zeker aan de iMode, als de mobiele providers hun GSM-masten aan junks in beheer geven.

Ik ben weer terug in New York. Ook hier heeft zo'n beetje iedereen een mobieltje. Maar op iedere hoek van de straat staan wel één of meerdere - werkende - telefoons. Een prettig gevoel, ook al heb je ze niet nodig. En ze worden overigens maar wat vaak gebruikt, nu, in het mobiele tijdperk. Niet zelden door mensen die hun mobieltje gebruiken als telefoonboek, omdat op straat bellen een stuk goedkoper kan zijn (50 dollarcent en je kunt de hele dag iemand bellen).

De telecombedrijven halen heel wat geld uit telefoons op straat, ook al zouden ze misschien liever nog meer geld verdienen aan al die mobieltjes. Mobieltjes en andere kleine apparaatjes met mail en tekstberichtjes, surfen op PDA-tjes en dan natuurlijk nog de nMode ('de Amerikaanse iMode').

Geen idee waar dat dan goed voor is. Alles is hier binnen handbereik. Alle bedrijven schreeuwen van de daken wat ze te bieden hebben. Meer informatie dan een mens kan verwerken. Je zoekt iets? Kan niet missen. En internetten doe ik thuis wel. Misschien handig dan op een vreemde plek? Welnee, daar vraag je het gewoon aan een local. Daar kan geen iMode tegenop.

En Nederland is veel te klein voor zo'n speeltje. Na anderhalf jaar even terug in Nederland - waar her en der de pauzeknop ingedrukt staat - en alles staat er op z'n plek en was zonder problemen te vinden. Behalve dan een goede telefooncel.

Ik zie dan ook maar één 'nuttige' toepassing voor die iMode: het lokaliseren van de dichtstbijzijnde, werkende telefooncel.