De Utrechtse website monitoring dienst WatchMouse nam de proef op de som en vergeleek vier publieke DNS-diensten: DNSAdvantage, DNSResolvers, Google Public DNS en OpenDNS. Iedere dienst kreeg verspreid over zes dagen 18.000 queries voor de kiezen vanuit 42 locaties over de hele wereld.

Bij de succesvolle queries is Google Public DNS het snelst met een gemiddelde van 59 miliseconden per DNS-query. De op een na snelste cache is die van OpenDNS met 80ms, terwijl DNSResolvers maar liefst 289ms nodig heeft om een DNS-verzoek op te lossen.

Foutpercentage

Maar waar Google Public DNS snel is, is het ook relatief onbetrouwbaar. Bij circa 15 promille van de verzoeken kwam er binnen drie 3 seconden geen respons. Anderen, zoals DNSAdvantage en OpenDNS, hebben slechts een foutpercentage van rond de 5 promille. Daardoor is niet Google, maar OpenDNS per saldo de snelste DNS-dienst.

"Wat ik vermoed is dat ze soort load balancer systeem gebruiken waar pakketjes verloren gaan", zegt Pieter Ennes, Manager Operations van WatchMouse. "We hebben voor alle providers dezelfde meting gedaan en we zien bij Google meer time-outs optreden dan bij OpenDSN en DNSAdvantage."

Populaire domeinen

Google presenteerde Public DNS vorige week. Om de DNS-resolver sneller te maken heeft Google een grote database (cache) opgebouwd van populaire domeinen die continu ververst wordt. Verzoeken van gebruikers die naar deze domeinen toe willen zijn daarvoor niet nodig. Andere DNS-resolvers halen de informatie pas op als er een verzoek binnenkomt.