Bedrijven zien vaak op tegen een upgrade van het besturingssysteem, omdat de ervaring leert dat het veel werk met zich kan meebrengen en in bepaalde situaties ook nog eens verstorend werkt voor gebruikers. Gelukkig is dat bij de upgrade naar Windows 10 niet aan de orde. Allereerst werd vroeger vaak geadviseerd om met een schone lei te beginnen. Je moest eerst een back-up maken, dan de volledige machine wissen door de schijven te formatteren, om vervolgens met een volledig schone installatie van Windows helemaal opnieuw te beginnen. Waarna applicaties en bestanden ook nog eens teruggezet moesten worden, voor de gebruiker eindelijk weer aan de slag kon. Met Windows 10 is deze werkwijze radicaal veranderd. Dankzij een in-place upgrade verloopt het proces heel vlotjes en kunnen gebruikers in een mum van tijd weer verder werken.

Bestaande en nieuwe beheermogelijkheden

Pieter Wigleven is Technology Solution Professional bij Microsoft en bevestigt dat een in-place upgrade nu de beste manier is om over te gaan naar Windows 10. "Groot voordeel is dat al je applicaties, bestanden en instellingen op deze manier gewoon op de desktop blijven staan. Je hoeft dus niet alles opnieuw te installeren of een back-up terug te zetten zoals vroeger." Met een in place upgrade haal je dus veel van de complexiteit weg. Verder kun je gewoon de al aanwezige beheertools gebruiken voor de uitrol. "Dat is bijzonder goed nieuws als je geïnvesteerd hebt in System Center Configuration Manager (SCCM) of een soortgelijke tool."

Dankzij Windows 10 worden allerlei nieuwe scenario's mogelijk. Zoals mobile device management, of het joinen van Active Directory met Azure. "Belangrijk is dat alle beheermogelijkheden uit Windows 7 en Windows 8 nog steeds beschikbaar zijn, maar dat je er waardevolle nieuwe opties bijkrijgt." In de praktijk kun je een Windows 7 of Windows 8 image dan ook vrijwel één op één vervangen door een Windows 10 image en direct van start gaan met de uitrol. "In sommige situaties zijn alleen wat kleine updates nodig in SCCM."

Upgrade of vervanging

Er zijn in ieder geval geen ingrijpende veranderingen aan de infrastructuur nodig om met Windows 10 aan de slag te gaan. "Vaak leeft in organisaties het idee dat eerst alle machines aangepast moeten worden", vertelt Paul Huijbregts, Cloud Solution Architect bij Wortell. "Dat is niet zo. Allereerst stelt Windows 10 minder zware eisen aan de hardware. Het kan op het merendeel van de bestaande hardware geïnstalleerd worden en zal daar zelfs beter op draaien dan eerdere Windows-versies."

Daarnaast is een upgrade ook weer niet altijd nodig. "Je kunt het moment mooi aangrijpen om verouderde hardware te vervangen. Daar staat Windows 10 standaard al op geïnstalleerd en dan is een upgrade niet meer nodig." Je hoeft in ieder geval niet in een keer met alle machines over, maar kunt er gerust voor kiezen om dit langzaam te doen via natuurlijk verloop van de hardware. "Het kan en mag natuurlijk wel, maar omdat Windows-versies probleemloos naast elkaar draaien, is een Big Bang niet per se nodig."

Selectief upgraden

Je kunt prima bij een select groepje mensen beginnen met een upgrade naar Windows 10 of het vervangen van hardware. Huijbregts: "Begin bijvoorbeeld klein met een groep mensen waar je als bedrijf direct profiteert van de nieuwe mogelijkheden van Windows 10 voor een goede ROI. Ik denk dan met name op het gebied van mobiliteit, want veel bedrijven worstelen momenteel met mobiele werkplekken. Windows 10 heeft nieuwe mogelijkheden aan boord die daar een perfecte oplossing voor bieden. Denk aan het managen van mobiele werkplekken vanuit de cloud, single sign-on naar cloud diensten, het niet meer nodig hebben van een verbinding met het bedrijfsnetwerk en standaard een hoger veiligheidsniveau."