Van Gogh schreef het artikel, over de oorlog in Afghanistan, op verzoek van een VN-redacteur voor de opinierubriek van het weekblad. "Een paar dagen hoorde ik niks en toen bleek dat Xandra Schutte, hoofdredacteur, en Max van Weezel, adjunct, zich er niet in konden vinden", schrijft Van Gogh op zijn site. De steen des aanstoots is een passage over het Amsterdamse gemeenteraadslid Fatima Elatik (PvdA). Sinds vorig jaar neemt Van Gogh haar en haar partij met de regelmaat van de klok op de korrel. Reden is dat Elatik in de Volkskrant zei dat ze begrip had voor het besluit om de opvoering Aïsja af te blazen. Sommige moslims namen aanstoot aan de opvoering van het stuk. Van Gogh, naar eigen zeggen een groot voorvechter van de vrijheid van meningsuiting, noemt Elatik in zijn stuk 'onnozel' en een 'troetel-Marokkaanse'. Daarnaast roept de columnist de lezers op om op Pim Fortuyn te stemmen. Van Gogh: "Van Weezel vond dat ik 'een vete' uitvocht met juffrouw Elatik en beschouwde mijn stemadvies voor Fortuyn als 'een provocatie'." Max van Weezel zegt desgevraagd dat hij van niets weet. "Ik ben al enige tijd ziek." Ook ontkent hij de hand te hebben gehad in het weigeren van de column van Van Gogh. "Dat is absoluut niet waar."