Het gaat om drie fragmenten uit de programmaserie Muntz Actueel die vanaf maandag 23 april bij de VPRO zou worden uitgezonden. Omdat de VPRO de programma's alleen wilde uitzenden als de makers – Rob Muntz en Paul Jan van de Wint – de drie fragmenten zouden verwijderen, besloten Muntz en Van de Wint het programma terug te trekken. Theo van Gogh heeft de omstreden fragmenten nu alsnog openbaar gemaakt, via zijn site De Gezonde Roker.

Muntz en Van de Wint kwamen eerder onder vuur te liggen, toen Muntz vorig jaar verkleed als Adolf Hitler met een fles Zyklon B door Wenen marcheerde en een groep joden schrik aanjoeg. Naar aanleiding van de commotie die om dit programma ontstond, besloot de VPRO om de twee programmamakers enkele maanden op non-actief te stellen.

Met hun nieuwe programma gaan Muntz en Van de Wint weer over de schreef, oordeelde Peter van Ingen, lid van de hoofdredactie van de VPRO. Enkele scènes in de parodie op de programma's van Willibrord Fréquin schoten Van Ingen in het verkeerde keelgat. Zo biedt Muntz een asielzoeker die zijn huur niet kan betalen, in het programma een pistool aan en zwaait hij met een dildo naar een bankbediende, die geen hypotheek wil verstrekken aan een prostituee.

Van Gogh heeft geen enkel probleem met het programma en de gewraakte fragmenten. "Ik heb ze gezien, de pesterijen van de ellendelingen, en mij valt juist op met hoeveel minder cynisme 'De Rijdende Hufter' gemaakt is dan bijvoorbeeld een gemiddelde aflevering van 'Make My Day', het serieus bedoelde programma waarin Robbert Ten Brink bijstandsmoeders naar het leven stond", zo schrijft hij op zijn site.

Volgens de VPRO is het verspreiden van het programma via de site Van Gogh niet toegestaan. "Wij wijzen u erop dat voor eventuele openbaarmaking toestemming van de VPRO nodig is. Gezien het feit dat de VPRO delen van dat programma niet voor uitzending geschikt acht zal het u niet verbazen dat wij geen toestemming zullen geven het bewuste materiaal uit te zenden of anderszins openbaar te maken", aldus Peter Schrurs, directeur van de VPRO, in een brief aan Van Gogh.