In een geschreven getuigenis voor de rechter doet de Amerikaanse internetprovider Verizon een beroep op de “persvrijheid" waarbij de uitgever zelf een selectie maakt van de content die hij binnen zijn publicatie geschikt acht voor zijn doelgroep. Dat is onderdeel van de vrijheid van meningsuiting en dus hoeft Verizon zich niet te houden aan de bepalingen van netneutraliteit.

De rechtszaak is door twee breedbandproviders, waaronder Verizon, aangespannen tegen de Federal Communications Commission die de netneutraliteit wil opleggen. Zij beargumenteren dat hun keuze voor doorgifte vergelijkbaar is met de selectie die een redactie van een krant maakt in het nieuwsaanbod. De providers zeggen dat zij in het algemeen alle content doorlaten zonder voorrang te verlenen, maar dat de regels die de FCC oplegt ze nu belemmert in het afwijken daarvan als zij dat nodig achten.

Beroep op First Amendment is lachwekkend

Dat de providers een beroep doen op de First Amendment van de Amerikaanse grondwet wordt schaterlachend van tafel geveegd door burgerorganisaties. Het slaat nergens op, zegt Harold Feld van Public Knowledge tegen Computerworld.com. Het argument wordt volgens de voorvechter van digitale burgerrechten niet geaccepteerd door de rechter.

Volgens Feld creëert Verizon helemaal geen content maar bemoeit het zich met de content van anderen en dus grijpt het in op de vrijheid van meningsuiting van anderen. “Verizon claimt het recht via de First Amendment om content te blokkeren, te vertragen of op een andere manier anders te behandelen dan andere content."

Netneutraliteit torpedeert prijsmodellen

Een ander bezwaar dat Verizon heeft tegen de opgelegde FCC-regels van netneutraliteit is dat ook prijsregulering in de weg staat van het laten betalen door aanbieders voor hun diensten die veel bandbreedte verbruiken, zoals Google Search of Facebook.

“Dat limiteert de mogelijkheden van providers om een prijsmodel te ontwikkelen dat twee kanten op kan, naar de klanten en naar de aanbieders", schrijven de advocaten in de getuigenis. Volgens hen zou zo'n prijsmodel kunnen voorkomen dat de kosten van dat enorme netwerkverkeer dat Google en Facebook veroorzaken eenzijdig komen te liggen bij de consument.

De rechtszaak is al bijna anderhalf jaar aan de gang maar nog steeds niet inhoudelijk behandeld. Ook nu is het nog niet bekend wanneer de hoorzittingen beginnen. Netneutraliteit is sinds november vorig jaar verplicht gesteld in de Verenigde Staten.