Spruijt is net terug uit de VS, waar hij op Microsoft TechEd en Citrix Synergy presenteerde over virtualisatie. Daar gingen de gesprekken met vakgenoten vaak over hoe de IT afdeling omgaat met de flexibiliteit die ontstaat als applicaties en desktops worden gevirtualiseerd. De IT afdeling moet tegenwoordig anders werken, want ICT is niet langer maatbepalend voor een bedrijf.

Bij automatiseringstrajecten in het verleden kwam het voor dat invoering van een nieuw systeem een nieuwe manier van werken vereiste. Interne bedrijfsprocessen werden aangepast aan het systeem. Met virtualisatie is het omgekeerd: de bedrijfsprocessen bepalen hoe de IT infrastructuur wordt ingericht.

Volgens Ruben Spruijt krijgt de cloud veel aandacht. Het is een containerbegrip, er zijn drie soorten; de public, private en personal cloud. De public cloud bevat applicaties zoals Google docs, Microsoft Office365, Windows Azure en Amazon. De kosten zijn laag maar er zijn weinig aanpassingsmogelijkheden. In de private cloud maakt een bedrijf zijn eigen interne IT infrastructuur dynamisch en flexibel door virtualisatie-, automation- en orchestration management oplossingen te gebruiken. Bij een personal cloud is er nog meer vrijheid, de bedrijfssystemen zijn apparaatonafhankelijk te benaderen.

Personal Cloud: consumeration of IT

De apparaatonafhankelijkheid geeft werknemers alle vrijheid; zij kunnen hun eigen apparaten gebruiken voor het werk, of een budget krijgen om die zelf aan te schaffen. Dat laatste gebeurt bij Citrix, daar is het niet alleen bring your own device, maar ook buy your own device. Spruijt: “Technisch gezien is dat geen probleem, virtualisatie maakt het mogelijk om met eigen apparaten veilig te werken. Het controlepunt voor applicatiegebruik verschuift. Maar hier komen nog wel andere punten bij kijken, bijvoorbeeld belastingtechnisch, hoe werkt het met afschrijvingen, en juridisch, van wie zijn de data op een laptop. Maar dat zijn andere kwesties.”

Waar servervirtualisatie evidente kostenvoordelen oplevert, is dat bij desktop- en applicatievirtualisatie niet altijd duidelijk. Maar voordelen hoeven niet per se in geld of ‘total cost of ownership’ te worden uitgedrukt. “Er is ook nog zoiets als ‘total value of ownership’, aldus Spruijt. “Het levert misschien niet direct de goedkoopste werkplek op, maar het kan wel veel winst opleveren. Werken met je eigen apparaten, altijd en overal, levert veel plezier in werken op. Het kan wervend zijn voor een bedrijf.”

Vooral bij de personal cloud speelt volgens Spruijt steeds vaker de vraag hoe de IT afdeling ermee omgaat. Spruijt: “Soms reageren IT afdelingen traditioneel, met ‘we zijn er niet op ingericht’, ‘het is niet veilig’, ‘het beheer is veel meer werk’. Onnodig worden drempels opgeworpen. Maar de techniek is niet het probleem, de nieuwe flexibiliteit van de IT infrastructuur vereist een verandering van de mindset van een organisatie.”

IT'er wordt intermediair

De systeembeheerders zullen zelf moeten veranderen, omdat de aard van hun werk verandert. Zij hebben met een heel breed scala aan zaken te maken, zoals eindgebruikers, applicaties, werkplekken, virtualisatie, servers, netwerk en telefonie. Er is nauwelijks tijd om ergens technisch diep op in te gaan, het werk is daarvoor te breed. Ook krijgen zij meer met dienstverleners te maken. Dat is hun uitdaging.

Door de nieuwe mogelijkheden gaan bedrijven IT functionaliteiten steeds meer zien als een dienst die je kunt inkopen. IT’ers krijgen vragen over commodity applicaties. Bijvoorbeeld over een messaging oplossing: gaan we updaten en houden we dat in eigen beheer of gaan we dat als dienst 'uit de cloud' afnemen? Indien dat laatste: Hoe gaan we migreren? Hoe integreren we het emailsysteem met onze eigen applicaties?

Spruijt: “Bedrijven moeten cloud computing omarmen, maar zeker ook reëel blijven. Op de lange termijn wordt de IT’er meer een intermediair tussen business, system integrators en service providers. De sociale rol verandert en communicatie wordt belangrijker.”

Virtualization Challenge

Het is daarom goed dat er veel kennisdeling en overdracht plaatsvindt. Spruijt besteedt ongeveer 20 procent van zijn werktijd aan het schrijven van artikelen en whitepapers, en aan presentaties op congressen en seminars, en op kleinere schaal op bijeenkomsten met klanten en collega’s. Hij gelooft oprecht in het belangeloos delen van kennis en wil mensen prikkelen om na te denken over het vakgebied. Mede daarom zit hij in de jury van de Webwereld Virtualization Challenge.

Spruijt: “Virtualisatie is een samengesteld begrip, en als je er in de industrie en met klanten over praat, moet je wel duidelijk weten waar je het over hebt. Je moet het ontrafelen en concreet maken. Daar ben ik al 8 á 9 jaar mee bezig. En daar helpt de Virtualization Challenge ook bij.”

Het jurylid verwacht dat er een groep deelnemers kiest voor de basis oplossing. En dat een veel groter aantal deelnemers combinaties gaat maken van alle virtuele oplossingen die er zijn, dat ze helemaal los gaan op het hele scala aan virtualisatie mogelijkheden. Spruijt: “Het is niet zo moeilijk om ermee aan de gang te gaan. En je kunt er alle kanten mee op. Ik ben benieuwd waar de deelnemers mee komen.”