De Deense rechter Bo Vesterdorf van het Gerecht van eerste aanleg zal tussen 18 en 20 december bekendmaken of hij de straf, die de Europese Commissie in maart aan Microsoft oplegde, wil handhaven of uitstellen. In de Europese antitrustzaak zullen de bewijsmaterialen die Novell en de Computer & Communications Industry Association (CCIA) tegen Microsoft hebben ingediend, bruikbaar blijven. "Alle partijen zijn overeengekomen dat de ingediende stukken gebruikt mogen worden", aldus een Microsoft-woordvoerder. Dit besluit is opvallend omdat Novell in de schikking die het bedrijf onlangs trof met Microsoft akkoord ging met het laten vallen van de aanklachten tegen Microsoft. Ook de CCIA heeft zijn klacht inmiddels ingetrokken. De enige partij binnen de EU van wie nu een aanklacht overblijft, is RealNetworks. Microsoft werd eind maart schuldig bevonden aan het dwarsliggen van concurrenten in Europa door onder meer informatie over servers achter te houden en Windows Media Player te koppelen met het Windows-besturingssysteem. Het softwarebedrijf heeft daarvoor een boete van 497 miljoen euro betaald. Om de monopoliepositie van het bedrijf te doorbreken, werd geëist dat er een Windows-versie zou komen zonder Media Player. Hiertegen ging Microsoft in beroep.