Dat zeiden de Tweede Kamerleden Martijn van Dam (PvdA) en Arda Gerkens (SP) donderdag tijdens een bijeenkomst van ECP.nl in Den Haag. "We hebben de regering jaar op jaar gevraagd om meer aandacht voor dit onderwerp", aldus Van Dam.

"Ouders zijn zich niet bewust van de gevaren. Ze weten onvoldoende van het fenomeen af", aldus Gerkens. Maar ook kinderen zijn vaak nog laconiek. "Het is een groot probleem dat jongeren zich niet beseffen dat alles wat zij op internet doen, in hun latere leven gevolgen zal hebben. Als je later gaat solliciteren, wil je niet dat je toekomstige werkgever via Google een foto van Sugababes kan opdiepen."

Van Dam pleitte voor betere voorlichting. "Jongeren en ouders moeten zich realiseren wat er kan gebeuren. Ook de scholen kunnen hierbij een rol spelen."

Schandalig

De tekortschietende aandacht voor de privacy van jongeren op internet was niet het enige onderwerp waarvan Van Dam en Gerkens vonden dat de overheid steken had laten vallen. Ook de elektronische dienstverlening aan burgers schiet volgens de Tweede Kamerleden tekort.

Zij kregen daarin bijval van Zsolt Szabo, Tweede Kamerlid namens de VVD. "De ict in de overheid moet veel beter worden geregeld", vindt Szabo. De VVD'er noemde het schandalig dat verschillende overheidslagen (het rijk, de provincies, gemeenten en waterschappen) elk hun eigen plan kunnen trekken bij de invoering van DigiD. Met DigiD kunnen overheidsinstellingen de identiteit van burgers verifiëren.

Een andere steen des aanstoots voor de politici is het elektronisch patiëntendossier. "Daar is nu al tien jaar een discussie over in de zorg, maar er gebeurt niets", aldus Van Dam. "Dat heeft te maken met een gebrek aan doorzettingsvermogen. Je moet de durf hebben om ruzie te krijgen met de huisartsen of ziekenhuizen omdat je niet voor hun favoriete standaard hebt gekozen. Nu denkt een minister: ik kan beter een nieuw zorgstelsel bedenken."

Er is een cultuurverandering nodig, meent Van Dam. "De overheid moet minder nieuw beleid ontwikkelen en zich meer gaan bezighouden met dienstverlening. Als volksvertegenwoordiger moet je met de vuist op tafel durven slaan en zeggen: dit is wat wij namens de bevolking van de overheid vragen."

Verkiezingsprogramma's

In de verkiezingsprogramma's van de politieke partijen is weinig terug te vinden over de plannen die de politici met ict hebben. Het is echter verkeerd om politieke partijen daar op af te rekenen, meent Gerkens. "Kijk naar wat we de afgelopen vier jaar in de Tweede Kamer hebben gedaan. Ik heb de meeste vragen over ict gesteld."

Ook volgens Van Dam is het niet verwonderlijk dat ict er op het eerste gezicht bekaaid van af lijkt te komen in de verkiezingsprogramma's. "Het gaat in de programma's om doelen, niet om middelen. Je kunt de overheid niet verbeteren als je ict niet gebruikt." Hans Franken, Eerste Kamerlid voor het CDA en hoogleraar informatierecht aan de Universiteit Leiden, had wel graag meer aandacht voor ict gezien in de partijprogramma's. "Bij bepaalde onderwerpen zijn politici zich te weinig bewust van het belang van ict."

Als voorbeeld noemde hij de administratieve lastendruk: de talloze formulieren die burgers en bedrijven moeten invullen. "Iedereen praat erover en je kunt het probleem alleen oplossen met ict. Nu moeten ondernemers belastingaangifte doen, een jaarrekening indienen en naar de Kamer van Koophandel. Zorg ervoor dat je dat met één bericht kan afhandelen."

De CDA-senator was aanmerkelijk milder over de prestaties van de overheid op ict-gebied dan de Tweede Kamerleden van VVD, PvdA en SP. "Het kan beter, maar het kan ook altijd slechter. Niet alle doelen zijn gehaald, maar we zijn wel een eind op weg."