Dankzij de warme ontvangst die zijn nieuwe processors kregen, de Pentium MMX en de Pentium II, heeft Intel vorig jaar een omzet geboekt van 25,1 miljard dollar. In 1996 scoorde Intel `maar' 20,8 miljard. De winst bedroeg in 1997 6,9 miljard, tegen 5,2 miljard dollar in het jaar daarvoor. Van die winst werd 1,7 miljard gemaakt in het vierde kwartaal, waarin de marktleider voor computerchips 6,5 miljard dollar aan verkopen in de boeken liet noteren. Voor het eerste kwartaal van dit jaar verwacht Intel ruwweg hetzelfde resultaat. Van de winst steekt het bedrijf 2,8 miljard dollar in het onderzoek en de ontwikkeling van nieuwe technologie. Intel haalt nog steeds de grootste omzet uit de Amerikaanse markt (goed voor 50 % van de omzet): daarna komen Europa (28 %), Azië en het Verre Oosten (12 %) en Japan (11 %). AMD Intel-rivaal AMD (Advanced Micro Devices, Sunnyvale, Californië) heeft een minder goed jaar achter de rug. Het vierde kwartaal gleed de chipmaker weg in de rode cijfers met een netto-verlies van 12,3 miljoen dollar. Beursanalisten hadden het verlies iets hoger ingeschat. Over het hele jaar gezien heeft AMD een omzet geboekt van 2,35 miljard, wat leidde tot een verlies van netto 21 miljoen dollar. In 1996 stond AMD nog 68,9 miljoen dollar in het rood, terwijl de omzet op 1,95 miljard dollar bleef steken. Topman Jerry Sanders had één troost: de verkoop van de K6-processor, het antwoord op de Pentium van Intel, verloopt goed. De afzet van de K6 is gestegen is met 50 procent gestegen in 1997 tot anderhalf miljoen exemplaren.