De manager van een grote onderneming met zo’n duizend medewerkers is de bemoeizucht van het bedrijf meer dan zat. “Iedereen heeft wel ideeën over hoe de organisatie beter in te richten is”, vertelt hij. “Allemaal leuk hoor, maar uiteindelijk gaat het gewoon om het werken en daar is standaard programmatuur prima voor.”

Anders dan anders

De IT-manager begon zijn carrière binnen de onderneming zo’n 28 jaar terug in het archief. “Daarna heb ik mijzelf opgewerkt en sinds vijf jaar doe ik de automatiseringsafdeling”, vertelt hij trots. Zijn achtergrond is vooral hands-on. “Maar je hoeft geen ervaring te hebben om de afdeling draaiende te houden, want ik ken de organisatie door en door en dat is genoeg.”

Voor hem is het belangrijk dat er zekerheid is voor de medewerkers. “Zij moeten gewoon herkennen wat er op het scherm komt en geen toeters en bellen over zich uitgestort krijgen. Dat lijkt me logisch”, vertelt hij. “Dus heb ik de problemen een tijd aangezien en vervolgens heb ik voor de ellende gewoon eenvoudige oplossingen gezocht.”

Open-sourceterreur

Die ‘ellende’ bestond vooral uit eerdere pogingen om aan de slag te gaan met bijvoorbeeld open-sourcesoftware. “Dat ging dus helemaal nergens over”, vertelt het afdelingshoofd. “Opeens moest er zonodig een andere browser worden geprobeerd, een andere tekstverkwerker worden geprobeerd. Waarom? Omdat het beter zou zijn.”

Nou beter was het zeker niet voor de IT-afdeling, weet de manager zich te herinneren. Zelf wilde hij dat ook wel eens proberen en was er snel klaar mee. “Wat een ellende was het. Macro’s werkten niet, alle knoppen zaten op een andere plek en om in Word te kunnen opslaan moest je veel meer handelingen doen. Tot overmaat van ramp bleken sommige websites niet werken.”

“Natuurlijk wordt er dan op je ingepraat en krijg je van die prietpraat over het belang van open standaarden, maar daar heb ik toch niks aan?”, verzucht hij. Voor hem is belangrijk dat programmatuur het doet. “Eigenlijk was ik er snel klaar mee, want ik werd ziek van die open-sourceterreur.”

Goedkoper

Ook argumenten dat het goedkoper is en dat andere zaken wel zouden kunnen, treffen bij de manager geen doel. “Wat een onzin. Die betweters kunnen dat niet met cijfers staven en ondertussen moet je wel geld aan ondersteuning uitgeven”, weet hij. Maar uitleggen hoeveel energie tijdens de proeven in de software is gestoken weet hij niet. “Dat valt wel mee, want veel mensen deden dat in hun eigen tijd.”

Voor hem is het duidelijk dat een leverancier gewoon de meeste zekerheid geeft. “Kijk wij standaardiseren gewoon op Microsoft”, vertelt hij. Behalve goed aansluiten wijst hij erop dat juist dat bedrijf ook open standaarden maakt. “Een type software is gewoon goedkoper.”

Mobiele apparaten mogen medewerkers wel hebben, maar mogen geen verbinding maken met het netwerk. “Dat is alleen gedoe”, verzucht hij. Bang voor kritiek is hij niet. “Iedereen heeft altijd wel een mening. De truc is dat je stabiliteit brengt en dan moet je ook nee durven verkopen en de boel strak leiden. Dat doe ik.”