Volgens onderzoeker Gert-Jan Meerkerk van het Instituut voor Onderzoek naar Leefwijzen en Verslaving ( IVO) is de term internetverslaving wat ongelukkig gekozen. Hij spreekt liever van dwangmatig internetgebruik. "Mensen raken niet verslaafd aan het medium internet, maar aan een toepassing", aldus Meerkerk. Internet wordt volgens de cijfers door 60 procent van de Nederlandse bevolking gebruikt. Van hen zegt 9 procent gemiddeld meer dan zestien uur per week kwijt te zijn aan internetten, de zogeheten heavy users. Slechts 1 procent van hen heeft daadwerkelijk last van problematisch internetgebruik en dan in het bijzonder in de vorm van sociale problemen. "Dat komt grofweg neer op zo'n 66.000 mensen." Het is een serieus probleem doordat voor velen de drempel, het thuis hebben van een internetaansluiting, zo laag is geworden", aldus Meerkerk. "In de hulpverlening worden internetproblemen vaak gemeld als secundaire hulpvraag, naast eenzaamheid, relatieproblemen, persoonlijkheidsstoornissen en depressies", vertelt Meerkerk. De meeste cli├źnten met internetgerelateerde problemen zijn mannen tussen de twintig en vijftig jaar. Chatten, gamen en het bezoeken van pornosites worden als belangrijkste kenmerken genoemd, aldus het onderzoek. Volgens Meerkerk is er wel een groep aan te wijzen die zich in de gevarenzone begeeft. "Vooral mensen die internet gebruiken om online spelletjes te spelen, een partner te vinden of om problemen te ontvluchten, hebben een grote kans om compulsief gedrag te gaan vertonen." Overigens kloppen er nog niet veel mensen bij de geestelijke gezondheidszorg aan vanwege een verslaving aan internet. De hulpverleners zijn doorgaans ook niet in staat hulp te verlenen vanwege het ontbreken van specifieke kennis en hulpverleningsmethoden, erkennen de hulpverleners in het onderzoek. Ook vergoeden ziektekostenverzekeraars een behandeling tegen internetverslaving nog niet.