Ik geef toe: ik gebruikte maar liefst vier verschillende lettertypes in misschien wel tien verschillende groottes voor een T-shirt ontwerp. De schuldige

combinatie: Wordperfect en een HP Laserjet.

Vier en een halfuur lang verzamelden zich steeds wanhopiger medestudenten en AIO's met af te drukken werkstukken en artikelen rondom het rustig knipperende apparaat. Een van de vier publieke printers die de universiteit toen voor de gezamenlijke studentenpopulatie beschikbaar had.

Ik wist iedereen kalm te houden door ze te laten zien waar ik mee bezig was - een doodnormaal blauw scherm met een tevreden tekstverwerker inclusief knipperende cursor - en de verwachting uit te spreken dat het nu toch echt niet lang meer hoefde te duren. Ik keek wel uit voor ik nog een tweede printje van hetzelfde bestand maakte.

Niet lang daarna wist ik het netwerk van een andere universiteit danig te ontregelen door een geëxporteerd bestand uit een statistiekprogramma te willen printen. Ook daar kwam uiteindelijk de netwerkbeheerder me bijna met een knokploegje vanachter mijn computer halen. Die liet me pas gaan tot ik kon aantonen dat ik echt het slachtoffer was van een softwarefout, en dat van een bewuste 'denial of service'-aanval op het netwerk van de universiteit geen sprake was. Ook daar keek ik wel twee keer uit voor ik nogmaals een printje maakte.

Maar wat als je gewoon niet weet dat je software niet goed is?

Wetenschappers maken zelf de nodige software, maar zijn natuurlijk gewoon vooraleerst wetenschappers en geen programmeurs. Wat als je je software een grid, 'the cloud' of supercomputer instuurt zonder te weten dat 99 procent van de tijd die je wordt aangerekend heeft te maken met acht regeltjes code die onhandig geschreven zijn? Je bent allang blij dat het werkt, toch?

Als je de rekening niet zelf onder ogen krijgt, kan de schade danig oplopen. Zo heb ik wel eens een berekening onder ogen gekregen die stelde dat het (toch al niet zo zinnige) [email protected] gezien moet worden als een milieucatastrofe van de eerste orde. Door een erg laat ontdekte fout in het algoritme zijn miljarden processoruren verspild, en het heeft zo misschien wel meer vervuiling opgeleverd dan bijvoorbeeld de lekgeraakte superolietanker Exxon Valdez.

Toch vervelend om dat als netjes recyclende, milieubewuste burger op je geweten te hebben. Een computer onder een bureau associeer je nu eenmaal niet zo makkelijk met smeltende ijskappen, zieltogende zeevogels en het verdampen van onze energiereserves.

Wel eens in Second Life rondgelopen? Ieder figuurtje ziet er niet alleen uit als een mens, maar gebruikt ook driekwart van de totale stroombehoefte van een mens van vlees en bloed. Computeren (om dat vermaledijde jaren tachtig werkwoord nog maar eens uit de kast te halen) is dus soms net zo smerig als een ouderwetse kolencentrale model Oostblok - ook al zit je achter een kek wit doosje met backlight in de vorm van een appeltje.

Dat de vervuiling ver van ons bed optreedt, maakt het niet minder ons probleem dat 'the cloud' soms ook letterlijk "dikke zwarte rookwolken aan de horizon" betekent. Het is onze collectieve verantwoordelijkheid om daar goed mee om te gaan. Co2-uitstoot compenseren is maar het begin.