De processorproducent vaart voor laptops dezelfde koers als voor zijn i7-varianten voor desktops, vertelt technical manager Jan Schouten van Intel Benelux. De eerste Core i7 (codenaam Nehalem) voor desktops verscheen in november, goedkopere varianten (i7 en i5) zijn begin deze maand uitgebracht.

Quadcore en overklok

De mobile uitvoering van de i7-processor komt nu uit in drie varianten, waarvan het topmodel de zogeheten Extreme Edition is. Al deze quadcore chips hebben dezelfde eigenschappen als de desktopuitvoering, inclusief Intels overkloktechniek Turbo Boost. Die schakelt automatisch in als er maar één of enkele cores zwaar belast worden, de andere cores worden dan omlaag geklokt of uitgeschakeld.

Schouten vertelt dat het wel mogelijk is dat de ene laptop een minder hoge overkloksnelheid haalt dan een andere met dezelfde i7-chip. "De laptopproducent kan zelf in het bios beperken hoe ver Turbo Boost gaat om de hitte van de buitenkant van de laptop te beperken." Er zijn geen plannen voor dualcore-uitvoeringen, waarmee Schouten aangeeft dat die er wel zijn voor de desktop. Voor laptops is het dus wachten op de goedkopere varianten.

Goedkoper maar sneller

Voor de massamarkt van de reguliere desktop heeft Intel die net uitgebracht. Schouten bevestigt dat die nieuwe Core-desktopchips de duurdere modellen van november vorig jaar overtreffen, zowel qua prestatieniveau als qua energieverbruik. Dit is al gebleken uit vroege benchmarks. "Klok voor klok is het prestatieniveau hoger." Dat is te danken aan het nieuwe ontwerp; de goedkopere i7-modellen en de i5-variant zijn gebaseerd op de Lynnfield-kern.

Schouten legt uit dat de meerwaarde van de topmodellen zit in de mogelijkheden van de bijbehorende chipset. Die ondersteunt drie geheugenkanalen (in plaats van twee voor de Lynnfield-processors), een snellere processorverbinding (QuickPath, ofwel QPI, in plaats van DMI), en ondersteuning voor vier gekoppelde videokaarten (quad SLI).

Scheelt weinig

Dit scheelt volgens Schouten in het prestatieniveau. Het aantal geheugenkanalen speelt in de praktijk wel een rol, maar dat kan beperkt zijn. Pc-site Anandtech meldt dat verzadiging van de twee geheugenkanalen van Lynnfield pas aan de orde is als drie cores volledig belast zijn met geheugenintensieve applicaties. Dat is voor een desktop nogal minder waarschijnlijk dan voor een server.

Verder wordt het bandbreedteverschil van de interconnect wordt gecompenseerd doordat PCI Express-aansluitingen in de Lynnfield-chips zijn opgenomen. QPI is dan ook vooral van belang voor multiprocessor systemen zoals zwaardere servers. Quad SLI tenslotte is vooral iets voor gamers met een flink budget.

Geen Celeron

De nieuwe i7- en i5-chips zijn dus wel lichter dan de zwaardere uitvoeringen, maar zijn niet uitgekleed zoals de Celeron-processor ooit was. Hetzelfde geldt voor de mobiele varianten voor de massamarkt Intel komt daar pas mid of eind 2010 mee. Tot die tijd wil de processormaker het houden bij de nu gelanceerde topmodellen. Die zetten wel de prijzen voor huidige Core 2 Duo-laptopchips wat onder druk.