Al zolang er netwerken bestaan, zijn er mensen die de in- en uitgangen ervan aftasten. De redenen om digitaal in te breken lopen uiteen. Soms doen hackers dit uit pure nieuwsgierigheid of uit paranoia. Crackers die de krantenkoppen halen zijn meestal gemotiveerd door hebzucht of een ideologie.

KGB-spion steelt geheimen VS

De KGB recruteerde in de jaren 80 de West-Duitser Markus Hess om voor de Sovjets te spioneren. Hij kreeg de taak om geheime informatie uit de computers van de Amerikaanse Defensie te plukken.

Hess gebruikte vanaf de universiteit in Bremen het Duitse communicatienetwerk Datex-P om zijn aanvallen uit te voeren. Hij viel binnen bij 400 militaire computers, inclusief systemen bij kazernes in Duitsland en Japan, een database van het pentagon en bij pc's van de universiteit Massachusetts Institute of Technology (MIT) in Boston.

Systeembeheerder Clifford Stoll van het Lawrence Berkeley Labatory in Californië ontdekte de inbraak. Hij verzon een nepproject van het Amerikaanse leger en terwijl Hess de gefingeerde informatie bekeek, bepaalde Stoll de locatie van de hacker. Hess werd gepakt en door de West-Duitse rechtbank veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf. Stoll schreef er een boek over.

Student maakt eerste internetworm

Robert Morris studeerde in 1988 aan Cornell in de Amerikaanse staat New York. Hij bouwde de eerste computerworm om volgens eigen zeggen een idee te krijgen hoe groot het internet was. Hij gebruikte het netwerk van MIT in Boston om de worm te verspreiden in de hoop te verhullen dat Cornell de oorspronkelijke bron was. Het programma gebruikte kwetsbaarheden in Unix sendmail, finger en rsh/rexec.

Morris onderschatte hoe sterk de worm zich zou vermenigvuldigen. Het programma voerde daarbij ook nog eens DDoS-aanvallen uit door systemen te vragen of er al een kopie draaide. De worm richtte zo aanzienlijke schade aan omdat systemen erdoor in de knoop raakten. De student had de eer de eerste persoon te zijn die werd veroordeeld met de toen splinternieuwe Computer Fraud and Abuse Act. Hij kwam weg met drie jaar proeftijd, een werkstraf van 400 uur en een boete van 10.050 dollar.

Rus berooft Citibank

Een van de eerste hacks bij een bank die de wereldpers haalde, was de inbraak bij Citibank. In 1995 hackte de Rus Vladimir Levin accounts bij Citibank en ging aan de haal met miljoenen. Vanaf een computer in Londen achterhaalde hij klantengegevens en wachtwoorden van een onbeveiligde server. Daarmee schreef hij geld over van rekeningen bij Citibank naar bankrekeningen in Nederland, de VS, Duitsland, Finland en Israël.

Citibank ontdekte na enkele weken de inbraak en schakelde de FBI in. Kompanen van Levin werden gepakt toen ze geld opnamen van de inmiddels gevolgde rekeningen en de Rus werd gearresteerd en uitgeleverd aan de VS. Hij kreeg in 1998 drie jaar cel en moest 240.000 dollar aan Citibank terugbetalen.

Tiener jat software van NASA

Jonathon James was pas 15 toen hij in 1999 inbrak bij het Marshall Space Flight Center in Alabama. Als hacker c0mrade wist hij software van ruimtestation ISS achterover te drukken. De software werd gebruikt om onder meer de vochtigheidsgraad en temperatuur in het ruimtestation te beheren. De ruimtevaartorganisatie ontdekte de inbraak en legde het computersysteem drie weken plat.

Begin 2000 werd James opgepakt. NASA raamde de waarde van de gestolen documenten op 1,7 miljoen dollar. Omdat hij minderjarig was, kwam hij er mild vanaf. James kreeg zes maanden huisarrest, moest een excuusbrief aan de gedupeerde ruimtevaartorganisatie schrijven en hij mocht gedurende die periode geen computers gebruiken.

Hacker voegt zich toe als deskundige

Adrian Lamo vond zijn weg naar binnen op het intranet van de New York Times en kreeg gevoelige informatie in handen, waaronder een uitgebreide database van schrijvers van opiniestukken die de krant ooit had gebruikt. Hierin stonden namen, telefoonnummers, adressen en de betalingsgeschiedenis van vooraanstaande gastredacteuren zoals Democratisch campagneleider James Carville, voormalig minister van Binnenlandse Zaken James Baker en acteur Robert Redford - ironisch genoeg bekend van hackerklassieker Sneakers.

Lamo voegde zijn eigen naam toe aan de lijst van deskundigen en onder 'expertise' zette hij “Computerhacken, nationale veiligheid, communicatie-inlichtingen". De New York Times beklaagde zich bij de FBI en aanklagers kregen Lamo na vijftien maanden in de smiezen. Hij werd veroordeeld tot zes maanden huisarrest, een proeftijd van twee jaar en een boete van 65.000 dollar.

Schot zoekt naar UFO-complot

Hacker Solo, in werkelijkheid de Schot Gary McKinnon, zou in 2001 en 2002 defensiecomputers in de VS hebben gehackt. Volgens aanklagers was hij op zoek naar bewijs dat de overheid het bestaan van UFO's in de doofpot stopt.

Volgens het Amerikaanse leger verwijderde McKinnon systeembestanden van servers waardoor 2000 computers van Defensie in Washington 24 uur lamgelegd werden. Ook zou hij wapenlogbestanden van het de marinebasis Earle in New Jersey hebben gewist. De kosten van alle reparaties zouden meer dan 700.000 dollar bedragen.

McKinnon woont momenteel in London en vecht al meer dan tien jaar tegen uitlevering. Er hangt hem mogelijk een straf van 60 jaar boven het hoofd, mocht hij veroordeeld worden.

Krakers stelen creditcardnummers

Albert Gonzalez ging er in 2007 vandoor met meer dan negentig miljoen creditcard- en pinpasnummers van warenhuis TJX en andere winkels, zoals schoenverkoper DSW en kantoorleverancier OfficeMax. Gonzales brak ook in bij betalingsbedrijf Heartland Payment Systems.

Gonzales werd in de kraag gevat omdat hij steeds terugkeerde naar een van zijn aftappunten waar een packetsniffer uitviel als de computer die hij in de gaten hield werd uitgeschakeld. Gonzales kreeg de zwaarste straf die ooit in de VS is uitgedeeld voor computerfraude: twee keer twintig jaar cel, straffen die hij wel gelijktijdig mag uitzitten.

Overigens was een vriend van hacker Jonothon James, die de ISS-software van NASA ontvreemde, betrokken bij deze hack. James kon de verdachtmakingen volgens een achtergelaten brief niet aan en pleegde in 2008 zelfmoord.

Anonymous hackt beveiligingsbedrijf

Beveiligingsbedrijf HB Gary haalde de toorn van hackergroep Anonymous op zich toen ceo Aaron Barr in 2011 aankondigde de identiteit van verschillende leden te zullen openbaren. Anonymous reageerde door in te breken bij het bedrijf en Barrs persoonlijke digitale gegevens aan te vallen.

Dit was een van de eerste keren dat hacktivisme opdook in de media. Een van de documenten zou onthullen dat HB Gary op schimmige wijze van plan was te reageren op de voorgenomen publicatie van Wikileaks van interne documenten van de Bank of America. Een van de tactieken van het beveiligingsbedrijf was om Wikileaks zwart te maken en een verslaggever van Salon.com, die op de hand was van Wikileaks, te dwarsbomen.

Anonymous sloeg terug door de site van HB Gary offline te knikkeren, Barrs e-mails te plunderen (deze werden vervolgens op The Pirate Bay beschikbaar gesteld), een terabyte aan back-ups te vernietigen en de persoonlijke iPad van de ceo te wissen.

Lulzsec steelt klantenbestanden Sony

De hacktivisten van Lulzsec, een splintergroep van Anonymous, kraakten in 2011 het Playstation Network (inmiddels Sony Entertainment Network) via een SQL-injectie. De gegevens van duizenden klanten werden door de hackers meegenomen, waaronder wachtwoorden, e-mailadressen en naw-gegevens. De aanval was volgens de groepering een reactie op Sony's juridische acties tegen George Hotz, die de PlayStation 3 had gejailbreakt en details daarvan had bekendgemaakt.

Lulzsec oprichter Sabu, Hector Xavier Monsegur, werd in juni 2011 gearresteerd door de FBI. Sabu werd daarna informant en met zijn informatie kon de FBI vijf andere hacktivisten van Anonymous, Lulzsec en Antisec arresteren. De oprichter zelf bekende schuld aan meerdere gevallen van samenzwering met als doel computers te hacken en wacht momenteel een vonnis af.

News of the World-schandaal

Journalisten van Britse krant News of the World haalden zelf het nieuws toen bekend werd dat ze de telefoons van beroemdheden, politici en zelfs de nabestaanden van slachtoffers van moord aftapten.

Het onderzoek wees uit dat verslaggevers en privé detectives die waren ingehuurd door de krant de voicemailaccounts hadden gekraakt van onder meer Elle McPherson, Sienna Miller en zelfs leden van de Britse koninklijke familie.

De afluisteraars zouden zelfs per ongeluk de voicemails van het vermoorde meisje Milly Dowler hebben gewist. Hierdoor hoopte de family dat het toen nog vermiste meisje nog leefde. De Britse tabloid ging uiteindelijk aan het schandaal ten onder.