De Amerikaanse overheid is akkoord gegaan met het voorstel van het Network Advertising Initiative (NAI), dat 90 procent van de online adverteerders in de Verenigde Staten vertegenwoordigt. Internetters krijgen als gevolg van de overeenkomst de mogelijkheid om dataverzameling door adverteerders te verbieden. De adverteerders, waaronder bedrijven als DoubleClick, AdForce en Engage, hebben zichzelf beperkingen opgelegd over het combineren van het combineren van informatie over surfgedrag en 'offline' informatie, zoals namen en postcodes. Om dit soort voor adverteerders waardevolle informatie te gebruiken, moeten internetters voortaan persoonlijk toestemming geven. Het gebruik van medische informatie, sofinummers of informatie over de seksuele geaardheid van een internetter is vanaf nu helemaal verboden. Dit soort informatie kan door adverteerders gebruikt worden om de juiste doelgroep voor het te adverteren product te vinden. Cookies Sites die cookies plaatsen, waarmee informatie over het surfgedrag kan worden verkregen, gaan dit expliciet vermelden. Verder krijgen internetgebruikers de mogelijkheid om op te vragen welke informatie over hen verzameld wordt. Het initiatief van de internetadverteerders is een poging om strenge privacywetgeving van de overheid te voorkomen. Door zelf beperkende maatregelen aan te kondigen, kan de branche nog enige invloed uitoefenen op wat wel en niet mag. De Federal Trade Commission heeft tevreden gereageerd op het voorstel. Dat is niet zo vreemd, omdat de toezichthouder voor de handel een jaar lang met de NAI over het initiatief heeft overlegd. De privacygroep Electronic Privacy Information Centre (EPIC) was minder te spreken. Een klacht van deze groep bij de FTC was de aanleiding voor de NAI om met het privacy-initiatef te komen. Maar volgens Marc Rotenberg, de voorzitter van de EPIC, is het een 'rapport door de reclamebranche voor de reclamebranche dat de zorg onder het publiek over privacy niet wegneemt'.