De Amerikaanse Senaat en het Huis van Afgevaardigden (de Amerikaanse Eerste en Tweede Kamer) hebben donderdag en vrijdag ingestemd met wetgeving die het opsporingsdiensten makkelijker moet maken om e-mail en telefoongesprekken af te tappen. Door de nieuwe wetgeving hebben opsporingsdiensten die een tap willen plaatsen, niet langer de toestemming van een rechter nodig. Burgerrechtenorganisaties vrezen dan ook dat het gebruik van het aftapsysteem Carnivore de komende tijd een hoge vlucht zal nemen. De voorstellen werden met een grote meerderheid van stemmen aangenomen. Slechts één senator stemde tegen de nieuwe wetgeving. In het Huis was er meer weerstand: 79 afgevaardigden stemden tegen, 337 voor.

Snel

De wetgeving werd met een ongekende snelheid behandeld. Binnen 18 uur was zowel de steun van de Senaat als van het Huis verzekerd. Sommige leden van de Senaat en het Huis hebben geen tijd gehad om de nieuwe wetgeving te lezen. De congresleden lieten zich weinig gelegen liggen aan oproepen van Amerikaanse burgerrechtenorganisaties om toch vooral niet te hard van stapel te lopen. Volgens burgerrechtenactivisten zou de wetgeving een inbreuk op de privacy en burgerrechten van Amerikanen betekenen. De burgerrechtenbeweging kon alleen bij enkele Democratische volksvertegenwoordigers op een gewillig oor rekenen. Van de 79 tegenstemmers in het Huis van Afgevaardigden, waren er 75 Democraat.

Kwalijke gevolgen

Tegenover The New York Times verdedigde de Democraat John Conyers Jr. zijn tegenstem door er op te wijzen dat wetgeving die in tijden van crisis wordt gemaakt, kwalijke gevolgen kan hebben. Hij verwees naar de Tweede Wereldoorlog, toen honderdduizenden Amerikanen van Japanse komaf werden geïnterneerd, omdat zij een bedreiging zouden vormen voor de staatsveiligheid. De meeste congresleden zijn echter van mening dat de aanslagen van 11 september en de dreiging van nieuwe terreur hun weinig mogelijkheden laat: de Amerikaanse opsporingsdiensten moeten zo snel mogelijk kunnen beschikken over nieuwe mogelijkheden om het terrorisme te bestrijden. Op aandringen van de Republikeinse leiders van het Huis van Afgevaardigden werd wel een clausule in de wetgeving opgenomen, waardoor een groot aantal van de nieuwe bevoegdheden die de opsporingsdiensten nu krijgen, over vijf jaar komen te vervallen.