Er was sprake van uitstel van de stemming over de controversiële Anti-Counterfeiting Trade Agreement omdat de Europese Commissie ten lange leste een oordeel wilde van het Europese Hof van Justitie. De Commissie wilde daarmee eens en voor altijd een einde maken aan de vraagtekens die in het Europarlement leefden over de mogelijke schending van burgerrechten door de bepalingen in het verdrag.

Maar deze dinsdag besloot de parlementaire commissie voor de Handel van het Europees Parlement met overweldigende meerderheid (21 tegen 5) dat de stemming in juni gewoon moest doorgaan. De politici wilden niet wachten totdat het Europese Hof een uitspraak zou kunnen doen in de kwestie. Dat kan zeker een tot twee jaar duren en dat vinden de Europarlementariërs te lang. De zaak wordt nu niet meer aan het Hof voorgelegd.

'Technocratische manoeuvres'

Volgens de privacy- en burgerrechtenorganisatie La Quadrature is het Europarlement niet getrapt in de trucs en “technocratische manoeuvres" van de Europese Commissie. Wat er nu gaat gebeuren is dat de parlementaire rapporteur van het parlement op 25 april met zijn eerste bevindingen over ACTA komt en dat voorlopige rapport vormt de basis van de definitieve oordeelsvorming van de commissie voor Handel. De commissie doet dan een definitief voorstel en stemadvies aan het Europees Parlement.

In het begin van het jaar ontstonden overal in Europa spontane volksopstanden tegen de internetcensuur die ACTA met zich mee zou brengen. Met name de vrijheid op internet zou worden bedreigd. Door de druk vanuit de bevolking besloten steeds meer landen het akkoord of niet te tekenen of niet voor stemming in het eigen parlement te brengen. Daardoor voelde de Europese Commissie zich genoodzaakt de kwestie aan het Hof van Justitie voor te leggen. Dat gaat nu dus niet meer door..