Arda Gerkens, ex-Tweede Kamerlid en sinds juni directeur van de HCC, doet onderstaand verslag van de zesde IGF.

"De VN conferentie zonder mandaat is de plek waar bedrijven, overheden, NGO's en betrokkenen spreken over hoe om te gaan met het internet. Thema van de conferentie was dit jaar 'Internet as a catalyst for change: access, development, freedoms and innovation'.

De bijeenkomsten draaiden om vrijheid van meningsuiting, privacy, veiligheid, copyright, cloudcomputing, awareness, mobiel internet en bescherming van jeugd. De Nederlandse delegatie, georganiseerd door ECP-EPN, was dit jaar groot. Bijna 20 personen gingen mee om een bijdrage te leveren aan de conferentie.

Arabische lente is rode draad

De Arabische lente liep als een rode draad door het IGF. Het was opvallend te zien hoe Afrikaanse landen worstelen met de vrijheid van meningsuiting op het net. Wanneer in de Westerse wereld een tweet wordt geplaatst die ophef veroorzaakt discussiëren we erover, maar in landen waar de onrust als een broeinest heerst kan een dergelijke tweet letterlijk mensenlevens kosten.

Dit voorbeeld van een deelnemer uit Nigeria geeft aan hoe moeilijk het is eenduidig om te gaan met privacy, openheid en veiligheid. Want juist de social media geeft de burgers een stem in democratiseringsprocessen van landen.

Een aantal van de thema sessie worden nabesproken in een plenaire sessie. De plenaire sessie over privacy, openheid en veiligheid werd op donderdag gehouden. Deelnemer aan het panel was onder andere Eurocommissaris Kroes. In de sessie kwam duidelijk naar voren dat privacy, openheid en veiligheid een onlosmakelijk met elkaar verbonden driehoek is, waar Kroes aan toevoegde dat vertrouwen hier een onmisbare rol in speelt.

Het spanningsveld is ook in deze sessie aanwezig. Iedereen is het erover eens dat internet is een open ruimte waar zo weinig mogelijk ingrijpen als mogelijk wenselijk is. Op internet moeten mensen kunnen samenkomen, maar we moeten ons ook veilig voelen en privacy informatie vrijelijk geven zonder angst over het weggeven van deze informatie. Maar er is een toenemende angst over internet bij overheden en dat men wil reguleren met wetten.

Google eerlijk over datamining

Daarnaast zien we de bedrijven die informatie over de gebruikers verzamelen en daar hun business model op bouwen. Google gaf tijdens een van de workshops onomwonden toe dat wanneer zij geen data zouden verzamelen over hun gebruikers, zij als bedrijf niet hadden kunnen bestaan. Maar deze data kan, zeker in de VS, ook worden opgevraagd door overheden.

Het doet er dan niet zoveel meer toe wie de data verzameld. Zelfs wanneer je als gebruiker ermee instemt dat een bedrijf dat mag dan van jou, het kan altijd ergens anders terecht komen, aldus mevrouw Szymielewicz die namens een mensenrechten organisatie sprak. Eerder bepleitte de EFF dat Google+ en Facebook niet mensen zou moeten verplichten hun eigen naam te gebruiken. Vooral voor activisten is dit gevaarlijk.

Mevrouw Ranzy van Microsoft uit Egypte uit merkte op dat het geen zwart wit discussie is. Zonder veiligheid geen privacy, zonder openheid geen veiligheid, de drie hebben elkaar nodig, waar het om gaat is de balans. Maar de vraag hoe die balans er moet komen, kwam helaas niet aan de orde. Wel dat het een aanpak is die samenwerking vraagt van de private en publieke sector, waar ook de gebruiker een belangrijke rol in speelt. Vooral Kroes beaamde dit.

Privacy in Europa anders dan in Latijns Amerika

Een andere consensus leek er te zijn dat kaders op het gebied van privacy, veiligheid en openheid gebaseerd dienen te worden op de mensenrechten. Waarbij een spreker opmerkte dat bescherming van de rechten van de gebruikers ook dus geldt voor de slachtoffers van cybercrime. Maar kaders stellen op internet is en blijft een moeilijke zaak, vooral vanwege de culturele verschillen, zoals Kroes opmerkte, privacy in Europa is een heel andere zaak dan in Latijns Amerika. Een dergelijk kader behoort universeel te zijn en kan niet door landen eenzijdig worden bepaald.

Het IGF heeft, doordat het geen mandaat heeft, de neiging om te blijven hangen in constateringen en weinig in daadwerkelijke oplossingen. Toch is niets minder waar. Door jaarlijks met zo'n diverse groep mensen te kunnen spreken over het Internet Governance ontstaat langzaam aan een beeld van waar we naar toe moeten. In de wandelgangen met name worden veel contacten gelegd die de weg hiernaar toe makkelijker maken. Het is een unieke conferentie, met vele interessante spelers, die als het gaat om privacy, veiligheid en openheid de laatste jaren elkaar standpunten steeds beter zijn gaan begrijpen.

Verdrag voor internetrechten van de mens

Wat dit onderwerp betreft lijkt het duidelijk. Om de balans in deze driehoek te brengen kan men de mensenrechten niet uitsluiten. Maar dat mag niet vrijblijvend zijn, dat vraagt wel om een mandaat. De beste manier zou zijn om vanuit de Verenigde Naties een verdrag te krijgen wat de rechten van de mens op internet bestendigd. Of dat moet door aansluiting op bestaande verdragen of dat er een nieuw verdrag moet komen is iets om nader te bezien. Maar het zou goed zijn dat de vele initiatieven op het gebied van digitale burgerrechten zich wereldwijd zouden verenigen om publiek-privaat aan een dergelijk verdrag te werken. Het lijkt mij een van de thema's voor het IGF volgend jaar."