Het is vrijwel zinloos om cybercriminelen na te jagen en ze proberen te pakken, zegt Troels Oerting, de baas van het European Cybercrime Centre (EC3) van Europol in Den Haag. Doordat zij steeds meer gebruik maken van het zogeheten darknet, zoals Tor, blijft de identiteit van veel criminelen lange tijd verborgen. En als die dan uiteindelijk wel bekend wordt, blijkt het te gaan om een Rus.

Oerting zei op de Infosec-bijeenkomst in Londen vandaag dat bij 75 tot 80 procent van de zaken die door Europol worden onderzocht, Russische groepen betrokken zijn. "Ze zijn buiten ons bereik en er is geen uitleveringsverdrag, dus het beste wat we dan kunnen doen is hopen op lokale vervolging", citeert The Register Oerting. "Of we wachten totdat ze Rusland verlaten en arresteren ze dan."

Snowden maakt het Oerting een stuk lastiger

Maar linksom of rechtsom, het schiet allemaal niet op, is de boodschap van Oerting. Die er nu voor kiest zijn organisatie te richten op het verstoren van de activiteiten van de cybercriminelen. Dat kan door nog meer informatieuitwisseling tussen organisaties als banken en retail.

"Maar Snowden heeft het moeilijker gemaakt om de wolven op te jagen", zegt Oerting, waarmee hij lijkt te impliceren dat het voor opsporingsdiensten steeds moeilijker wordt te wroeten in data van burgers, of - zoals The Register denkt - dat criminelen sindsdien nog meer voorzorgsmaatregelen nemen tegen ontdekking.