Dit concluderen het Computer Security Institute en de FBI in een maandag gepubliceerd rapport. Sinds 1996 komen de twee partijen ieder jaar met onderzoek naar de gang van zaken rond computercriminaliteit. Vijf jaar geleden maakte nog maar 16 procent van de respondenten die te maken hadden met de een of andere vorm van computercriminaliteit hiervan melding bij de FBI. Inmiddels is dit percentage opgelopen tot 36 procent. "Het taboe is doorbroken", zo concludeert dan ook Richard Power van het Computer Security Institute tegenover persbureau Reuters. Grote bedrijven als Microsoft en Amazon schakelden de afgelopen tijd de FBI in toen zij het slachtoffer werden van elektronische inbraken. Behalve het feit dat er steeds minder een taboe rust op cybercrimininaliteit wordt dit tevens hoe langer hoe meer gemeengoed. Inmiddels zegt 85 procent van de respondenten – afkomstig van bedrijven, universiteiten en overheidsinstellingen – het afgelopen jaar te maken te hebben gehad met computercriminaliteit. Dit kan variëren van gestolen laptops en sabotage aan webservers tot het elektronisch achterhalen van bijvoorbeeld creditcardgegevens. In 1996 was dit percentage nog 42 procent. Volgens de onderzoekers worden financiële hacks steeds populairder. Onlangs nog waarschuwde de FBI voor Oost-Europese hackers die meer dan 1 miljoen creditcardnummers zouden hebben buitgemaakt van e-commercesites. Het minste dat beheerders van sites kunnen doen, is het installeren van patches, zo raadt Power aan.

Eerdere relevante berichten:
FBI waarschuwt voor Oost-Europese hackers (09 maart 2001)
FBI: tieners wilden internet ontwrichten (15 januari 2001)