The Honeynet Project zette een eigen netwerk van servers, `honingpotten', op om te kijken ho vaak hackers pogingen deden om binnen te dringen. Het `Honeynet' bestond uit acht IP-adressen waarbij gebruik werd gemaakt van een eenvoudige ISDN-verbinding via een lokale internetprovider, vergelijkbaar met de internetverbinding van veel mensen thuis. Meestal werd gewerkt met één tot drie systemen, die draaiden op Solaris Sparc, WinNT, Win98, and Linux Red Hat. Het detectiesysteem dat pogingen in te dringen meldde, gaf in mei vorig jaar 157 waarschuwingen. In februari van dit jaar was het aantal meldingen met liefst 890 procent opgelopen tot 1398. Volgens de onderzoekers kan dit te maken hebben met wijzigingen in de configuratie van het detectiesysteem, maar ook uit de firewall-logs bleek een fikse stijging. De firewall gaf 103 meldingen in mei vorig jaar. In februari was dat aantal verdubbeld tot 206. Hackers hebben steeds betere middelen ter beschikking gekregen om systemen te scannen, aldus de onderzoekers. Volgens hen gaan hackers inmiddels alleen op zoek naar een `bepaalde dienst', ofwel een specifiek gat, zonder te controleren wat voor besturingssysteem gebruikt wordt. "Zodra deze dienst gevonden is, lanceren zij hun aanval zonder vast te stellen of het systeem in kwestie wel kwetsbaar is of überhaupt wel het juiste systeem is", zo schrijft The Honeynet Project in zijn bevindingen. In de periode van april tot december 2000 werd zeven keer een standaardinstallatie van Red Hat 6.2 server binnen drie dagen nadat een internetverbinding tot stand was gebracht aangevallen. De groep achter het Honeynet Project komt op basis van deze gegevens tot een levensverwachting van 72 uur voor een standaarinstallatie van Red Hat 6.2 server. Bij de eerste installatie van Red Hat was het overigens 15 minuten nadat deze online ging al raak. De uitvoerders van het project verwachten dat bedrijven met enige naamsbekendheid met nog veel meer hackersactiviteiten te maken krijgen. Dit omdat de `honingpotten' in het project geen enkele waarde hadden om te bezoeken. Bovendien is het bestaan van de systemen niet onder de aandacht gebracht.